Er zijn nog acht handelsdagen te gaan maar nu al belooft augustus 2011 de slechtste augustusmaand op de aandelenbeurs in vijftig jaar te worden. De zorgen zijn duidelijk, de oplossingen niet.
Meer dan zestien procent is de AEX deze maand gedaald. Dat is sinds de invoering van de hoofdgraadmeter in 1983 niet eerder voor gekomen in augustus, normaal gesproken een rustige maand op de beurzen.
En ook de S&P 500, de beursindex die het betrouwbaarste beeld geeft van de ontwikkelingen op de Amerikaanse aandelenmarkt, heeft in vijftig jaar niet slechter gepresteerd. Tot nu ging de index met ruim 13 procent onderuit.
Ook afgelopen week ging de daling op de beurzen verder na een rustig begin van de week. En dat terwijl de onderliggende problemen sinds in april niet veel veranderd zijn. Maar nu lijken beleggers bezorgder te zijn over diezelfde dreigingen. Een paar zaken op een rij.
Angst voor recessie
Al langer is er angst voor een nieuwe recessie, maar als beleggers daar harde cijfers bij geleverd krijgen blijkt het toch schrikken geblazen.
| S&P 500: 50 jaar augustus |
| Beste en slechtste augustusmaanden |
| Jaar | koers (%) | Jaar | koers (%) |
| 2011 | -13,1 | 1984 | 8,9 |
| 1990 | -7,7 | 1986 | 4,8 |
| 1973 | -5,5 | 1950 | 4,7 |
| 1974 | -4,6 | 2000 | 4,3 |
| 1957 | -4,3 | 1979 | 4,3 |
Zo werd al lang rekening gehouden met een afvlakkende groei in de zomermaanden. Nu wordt dat bevestigd door een
brede waaier aan indicatoren.
In de Verenigde Staten is de economische situatie verslechterd, bedrijven en consumenten ontbreekt het aan vertrouwen terwijl juist deze groepen de kar moeten trekken. De overheden hebben hun kruit wel zo’n beetje verschoten.
Ook in Europa is de groei zeer laag. Er lijkt zelfs nauwelijks tijd om die te bevorderen. Beleidsbepalers zijn vooral bezig met schuld en besparen.
Inflatie | AEX: augustus sinds '83 |
| Beste en slechtste augustusmaanden |
| Jaar | koers (%) | Jaar | koers (%) |
| 2011 | -16,7 | 1984 | 9,6 |
| 1990 | -10,4 | 1993 | 8,9 |
| 2007 | -7,2 | 1994 | 4,0 |
| 1997 | -5,8 | 2006 | 3,6 |
| 1995 | -5,4 | 1986 | 3,6 |
Nu overheden in Europa en de VS diep in de schulden hebben alleen de centrale banken nog mogelijkheden om bij te springen. Maar welke maatregelen ze ook mogen kiezen, gevaar op uitholling van geld, inflatie, is duidelijk aanwezig.
In de Verenigde Staten is de inflatie al opgelopen tot 3,7 procent, een fors percentage. En ruimte om die inflatie te drukken, via renteverhoging, is er eigenlijk niet.
Sterker nog, als de inflatie verder oploopt lijkt een reddende rol van centrale bankiers veel minder evident.
Systeemrisico’s
Problemen komen nooit alleen op de innig verknoopte financiële markten. Dat maakte ook dat de afwaardering van de VS door kredietbeoordelaar S&P zo’n impact heeft gehad zonder verrassend te zijn. Want als de VS niet meer de hoogste kredietwaardigheid heeft, hoe zit het dan voor de betrouwbaarheid van bijvoorbeeld Frankrijk (geen groei, oplopende schuld en snel vergrijzende bevolking)?
En wat betekent dat voor de kredietwaardigheid van het Europese noodfonds dat voor een flink deel uit Franse garanties geld bestaat?
Het zijn overwegingen als deze die ook het vertrouwen in de financiële sector onder druk zet. Bankaandelen worden zeer hard geraakt afgelopen tijd.
Sinds de kredietcrisis hebben banken hun balansen zoveel mogelijk geschoond van allerhande rommelderivaten. Maar veilig geacht schuldpapier van solide overheden staan nog massaal in de boeken. Als die staatsobligaties afgewaardeerd moeten worden betekent dat slecht nieuws. En een nieuwe recessie zal ook de kwaliteit van de kredietportefeuille van banken onder druk zetten.
Alleen buitengewone daadkracht van beleidsbepalers zal de beurzen in de resterende augustusdagen en daarna nog omhoog kunnen krijgen. Helaas hebben eerdere besluiten meer weg van een springprocessie uit Echternach: na iedere crisistop heerst aanvankelijk opluchting, die vervolgens snel omslaat.
Op weg naar een nieuw crisisoverleg.