Stresstesten moesten het vertrouwen in het Europese bankwezen terugbrengen. Aan de uitslagen kan het niet liggen. Die zijn goed. Nu moet de markt het signaal nog oppikken.
Zeven van de 91 banken in de Europese Unie die zijn doorgelicht op hun financiële weerbaarheid zijn gezakt voor de zogenaamde stresstest en hebben nieuw kapitaal nodig, aldus de koepel van Europese banktoezichthouders, CEBS.
In een rapport met de resultaten van de door samenwerkende toezichthouders opgestelde tests, zegt de CEBS dat het totaal aan kapitaal dat de zeven banken nodig hebben om aan de ondergrens van een tier 1-kernkapitaal van 6% te komen zo'n EUR3,5 miljard is.
Hypo Real Estate Holding ag uit Duitsland, ATEBank uit Griekenland en de vijf Spaanse banken Unnim, Diada, Espiga, Banca Civica en Cajasur doken in de test onder de kritische 6%-solvabiliteitsgrens.
De tier 1-ratio is de verhouding van het kernkapitaal, waaronder aandelen, preferente aandelen en ingehouden winst worden gerekend, tot het balanstotaal van de instelling.
Scenario's
In de test is er onder meer van uitgegaan dat de economische groei 3 procentpunt achterblijft bij de ramingen van de Europese Commissie voor 2010 en 2011. Daarnaast zijn schokken gesimuleerd zoals haircuts op staatsobligaties in het handelsboek van banken en sterke dalingen van aandelen-, krediet- en onroerendgoedmarkten.
Bij de test is niet uitgegaan van een situatie waarin landen uit de periferie van de eurozone, zoals Griekenland, Spanje, Portugal en Ierland niet meer aan hun betalingsverplichtingen voldoen. Daarom is het de vraag of de instanties hiermee alle zorg over de gezondheid van de banksector hebben weggenomen.
Uitgebreide beschrijving testen
Lager dan verwacht
Het aantal gezakte banken en het bedrag aan benodigde kapitaalinjecties is in ieder geval lager dan verwacht. Volgens een enquête van zakenbank Goldman Sachs rekende de markt op voorhand op zo'n tien onder-gekapitaliseerde banken en die gezamenlijk EUR38 miljard nodig zouden hebben.
De lijst van 91 banken die de toezichthouders selecteerden voor de tests is zo samengesteld dat ze meer dan 50% van de banksector in hun thuisland vormen. Gezamenlijk beslaan de geselecteerde banken 65% van de sector in de Europese Unie.
Nederlandse banken zonder meer geslaagd
De vier Nederlandse banken die aan de test werden onderworpen bleven zelfs onder het negatiefstee scenario ruim boven de gehanteerde ondergrens. De gemiddelde tier 1 ratio van deze banken kwam in het ergste geval na twee jaar gemiddeld uit op 10,3%, aldus De Nederlandsche Bank (DNB).
Terug
| De stresstesten uitgelegd |
De financiële autoriteiten van de Europese Unie hebben hun uiterste best gedaan om de strenge voorwaarden te benadrukken van de stresstesten voor banken die het vertrouwen in de Europese bankensector moeten ondersteunen, maar zij negeren twee... belangrijke parameters.
Het Comité van Europese bankentoezichthouders (CEBS), een groep van regelgevende instanties die de Europese Commissie adviseert, heeft stresstesten georganiseerd voor 91 banken die samen goed zijn voor 65% van de activa van de totale Europese banksector.
De stresstesten zijn bedoeld om te zien hoe de bezittingen en verplichtingen van een bank zich gedragen tijdens een gesimuleerde periode van economische onrust en of zij genoeg kapitaal bevatten om verliezen te compenseren en genoeg liquiditeitsbuffers hebben om solvabel te blijven.
Het CEBS toetst de banken door middel van drie economische scenario's die lopen gedurende 2010 en 2011. Alle banken ontvingen daarvoor een algemeen testsjabloon dat ze kunnen gebruiken en de nationale toezichthouders van ieder land overzien de testen.
Het eerste scenario geldt als de normale situatie en baseert zich op voorspellingen die dichtbij de ramingen van de Europese Commissie liggen, om te bezien wat er met banken in de komende anderhalf jaar gebeurt onder de huidige economische verwachtingen.
Vervolgens werd banken gevraagd twee toepasselijke stresstesten uit te voeren: een met een ongunstig scenario en een met een ongunstig scenario, dat nog is versterkt door een sterke daling van de waarde van staatsleningen, die sterker is dan de koersdalingen die zich in mei voordeden bij de staatsobligaties van sommige landen van de eurozone.
In het eerste geval werd uitgegaan van een scenario waarin het bruto binnenlands product (bbp) van de Europese Unie drie procentpunt lager uitkomt dan in de voorspellingen van de Europese Commissie, waarvan 1 procentpunt daling zich voordoet in 2010 en twee procentpunt in 2011.
In het basis-stressscenario wordt verder uitgegaan van druk op de interbancaire geldmarkttarieven zoals die werd gezien na het omvallen van Lehman Brothers, wat zou kunnen gebeuren als er ongerustheid ontstaat in de markt dat een overheid niet kan voldoen aan zijn betalingsverplichten.
Daarom is een stijging van 125 basispunten van de tarieven voor kortetermijnleningen ingecalculeerd. De stresscenario's gaan echter een stap verder dan in het geval Lehman, door de tarieven gedurende twee jaar op dat hoge niveau te houden.
Verder gaat het stressscenario ervan uit dat de langetermijn rentetarieven met 75 basispunten stijgen, waardoor de yield-curve zou afvlakken. Deze hypothetische situatie simuleert volgens CEBS de soort stress die werd gezien op het hoogtepunt van de crisis, toen beleggers geen geld maar aan banken durfden uit te lenen.
Volgens CEBS is de kans dat dit scenario zich werkelijk ontvouwt 5%, waarmee het eens in de twintig jaar zou kunnen gebeuren. De stresstests die in 2009 in de VS werd uitgevoerd ging uit van een waarschijnlijkheid van 15%.
In het tweede ongunstige scenario werd een sterke daling van de waarde van staatsleningen toegevoegd, zoals in mei gebeurde. Het verschil in rendement tussen diverse Europese staatsleningen en Duitse bunds, de zogeheten spreads, liepen toen sterk op. In het scenario van CEBS wordt deze spread met nog eens 30 basispunten verhoogd ten opzichte van de meest extreme koersen in mei.
Haircuts, waarbij een korting wordt toegepast op de waarde van een bezitting, werden toegepast op een obligatieportefeuille met een gemiddelde looptijd van vijf jaar. Daarbij werd bijvoorbeeld een afwaardering van 23% op Griekse leningen, 4,6% op Duitse leningen, 12,3% op Spaanse leningen en 14% op Portugese leningen toegepast. De CEBS geloofde niet dat een situatie waarin een Europees land niet aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen mogelijk is.
De haircuts werden toegepast op het handelsboek van de banken, hoewel een bank staatsleningen in zijn eigen boeken kan opnemen als deze aangehouden worden tot het einde van de looptijd. In dat geval hoeft er bij koersdalingen niet op afgeschreven te worden, omdat het uitstaande bedraag aan het einde van de looptijd volledig wordt afgelost.
CEBS-functionarissen zeggen dat zij de kans dat dit gebeurt niet kunnen berekenen, omdat dit buiten de kaders gaat van wat de markten tot op heden hebben meegemaakt.
Deze scenario's worden gebruikt om te testen wat de impact op de handels- en bankboeken van de bank zouden presteren onder in deze situaties. De tests zijn niet gericht op de liquiditeitsrisico's van banken, omdat de CEBS zich niet in het vaarwater wil begeven van een ander lopend onderzoek van regelgevende instanties naar de impact van voorgestelde nieuwe liquiditeitsregels.
Het Basels commite voor het toezicht op banken doet momenteel een studie naar de impact van nieuwe kapitaal- en liquiditeitseisen, waarbij de liquiditeit van banken wordt getest op een manier die overeenkomt met de manier waarop de CEBS dat zou hebben gedaan.
Voor het bankboek richtte de CEBS zich op drie voorname gebieden - de kans die een bank incalculeert dat een tegenpartij zijn betalingsverplichtingen niet nakomt, de portefeuille met bezittingen die beschikbaar zijn voor verkoop, waarvan de waardeschommelingen niet in de verlies- en winstrekening worden opgenomen, en gesecuritiseerde transacties.
De normale situatie bevatte een aanname waarbij de kredietrating van gesecuritiseerde beleggingen wordt verlaagd met een of twee stappen, terwijl in de twee negatievere scenario’s een verlaging met vier stappen werd gesimuleerd.
Het testen van de handelsboeken van de banken was voor de toezichthouder een stuk lastiger, omdat er door banken vaak een groot aantal zeer diverse posities wordt ingenomen. Als gevolg daarvan liet de CEBS de banken via zijn interne modellen een aantal aannames doorrekenen onder toezicht van de toezichthouders.
Uitvoering van deze stresstest leverde schattingen op voor verliezen die banken in deze scenario's lijden op beleggingen, zoals leningen, en de mate waarin de naar risico gewogen activa toenemen, die een maatstaf zijn voor de risico's die een bank op zijn balans heeft. Deze uitkomsten zijn vervolgens gebruikt om te berekenen hoeveel kapitaal een bank moet aanhouden.
|