Aad Jacobs was ooit één van de belangrijkste beleggers van Nederland. Als hoofd beleggingen van Nationale Nederlanden had hij het oor van de bestuursvoorzitters van de grootste Nederlandse bedrijven. Je zou dus zeggen dat Jacobs als geen ander het aandeelhoudersperspectief moet kunnen begrijpen.
Maar er is de afgelopen jaren iets gebeurd. Tegenwoordig is er vrijwel niemand zo verbitterd over het gedrag van aandeelhouders als de voormalige bestuursvoorzitter van ING. Zoals een ex-roker die bij het zien van een asbak al in redeloze woede ontsteekt.
Het was afgelopen week weer raak in een interview met Het Financieele Dagblad.
“Aandeelhouders snappen weinig van bedrijven – zelfs voor bestuurders is dat moeilijk.” “Ik vind het te ver gaan dat een economisch eigenaar alle macht heeft. Bij een onderneming staan ook belangen van heel veel anderen op het spel.” “Misschien moeten we terug naar het structuurregime, waarin niet het belang van de belegger, maar dat van de onderneming vooropstond”. Het is verbazingwekkend dat dit uitspraken zijn van iemand die enkele jaren geleden nog gold als de meest invloedrijke commissaris van Nederland.
Eerst de opmerking over het gebrek aan inzicht van beleggers in een bedrijf. Dat is natuurlijk zo: de informatieasymmetrie tussen aandeelhouders en bestuur is één van de inherent zwakke punten van de beursgenoteerde onderneming. Het vereist een groot vertrouwen aan de kant van beleggers: personen die zij niet eens persoonlijk kennen, trekken zich met hún geld terug achter de muren van het bedrijf. Ze moeten maar afwachten of de investering ooit wat oplevert of zelfs ooit terugkomt.
Tegenover dit vertrouwen staat de plicht van bestuurders om aandeelhouders zo goed mogelijk te informeren over waar ze mee bezig zijn. Als aandeelhouders weinig van een bedrijf snappen, is dat vooral een aanmoediging aan de afdeling investor relations om zijn werk beter te doen.
Dan de machtsverdeling binnen de onderneming. Het bestuur bepaalt strategie en beleid. Dat is nog steeds de basis van het Nederlandse vennootschapsrecht en het blijkt keer op keer – onder meer in door de VEB aangespannen rechtszaken – dat deze vrijheid erg ver gaat. Dus hoezo: alle macht bij de economisch eigenaar?
De uitsmijter over het structuurregime slaat alles. Het structuurregime is nog volop van kracht. Weliswaar is het een paar jaar geleden aangepast, maar de principes zijn hetzelfde. Dit geldt in ieder geval voor de wijze waarop de raad van commissarissen haar taken moeten vervullen: “naar het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming”. Dat belang staat dus voorop.
Natuurlijk kun je je afvragen wat dit eigenlijk betekent. En je kunt het punt maken dat geen enkele onderneming een toekomst heeft als geen aandeelhouderswaarde wordt gecreëerd. Maar daar gaat het hier niet om. Jacobs creëert een karikatuur en verzet zich daar vervolgens tegen. Dat is demagogie.
Meer columns van Jan Maarten Slagter