Bij het grote publiek zijn fi nancieel afgeleide producten (derivaten) vooral bekend onder namen als opties en futures. Maar begin jaren tachtig ontdekten banken op Wall Street een nieuwe manier om met gestructureerde producten allerlei vormen van risico’s door te verkopen en tijdens dat proces gegarandeerd veel geld te verdienen.
Het begon in 1983 met het bundelen en in kleine pakketjes doorverkopen van hypotheken – een uitvinding van de New Yorkse investeringsbank First Boston. Een team van First Boston was gevraagd om voor hypotheekbank Fannie Mae een manier te vinden om beleggers, vooral in Europa, over te halen hun geld in Amerikaanse hypotheken te steken.
Tot dan toe waren Europese beleggers daar terughoudend in: zij vonden de obligaties op basis van de Amerikaanse hypotheken te risicovol en de rendementen te laag. First Boston kwam met een oplossing: door de Amerikaanse hypotheken op een slimme manier te bundelen en op te splitsen (securitiseren) werd het mogelijk hypotheekobligaties te construeren die even veilig leken als Amerikaanse staatsobligaties (AAA-creditrating) en bovendien nog wat meer rendement opleverden.
Deze gebundelde en daarna weer opgesplitste producten,‘securities’ genoemd, werden in de loop van de tijd steeds ingewikkelder. Toen banken zagen hoe succesvol Fannie Mae en later ook Freddie Mac waren met het doorverkopen van hypotheken werd het bedrijfsmodel door Wall Street met enthousiasme omarmd. Steeds meer banken zetten de knapste koppen aan het werk om de ingewikkeldste derivaten te ontwikkelen. Een nieuwe, gevaarlijke fase van ons geldsysteem was geboren toen de Wall Street-banken deze producten gingen plaatsen in professionele markten, dus bij banken, bedrijven, verzekeraars en pensioenfondsen.
Het verkopen van deze derivaten begon kort na de eeuwwisseling ongekende vormen aan te nemen. Door slim financieel knutselwerk ontstond er vervolgens een hele categorie nieuwe gestructureerde beleggingsproducten en derivaten. Ook Nederlandse fi nanciële instellingen zijn grootafnemers van derivaten. Zo kocht pensioenfonds ABP voor meer dan 9 miljard aan hypotheekobligaties van Fannie en Freddie.
Maar het mooiste verhaal vinden we bij ING, dat in 2000 in de Verenigde Staten startte met ING Direct. In een paar jaar tijd kreeg ING op die manier tientallen miljarden aan Amerikaans spaargeld binnen. Dat geld moest ook weer met rendement worden uitgezet, maar wat bleek: ING was verplicht dat in Amerika te doen. ING Direct moest zelfs minimaal 50 procent van de balans in hypotheekobligaties aanhouden.
ING was te klein om zelf op grote schaal hypotheken te gaan verstrekken in de Verenigde Staten en stapte daarom massaal in risicovolle hypotheekobligaties. In totaal zou ING voor meer dan 20 miljard dollar uitgeven aan Amerikaanse Alt-A-hypotheekobligaties. Het is vooral deze portefeuille die ING in grote problemen heeft gebracht, waardoor het bedrijf nu moet worden ontmanteld en opgesplitst.
Meer columns van Willem Middelkoop