De eerste helft van 2011 heeft magere rendementen voor aandelen opgeleverd. De Griekse schuldentragedie drukt een stevig stempel op de risicoperceptie van beleggers.
Per saldo worden in de meeste portefeuilles de als risicovol betitelde aandelenbeleggingen qua weging teruggebracht. Met de aandelenmarkt in een soort van parkeerstand is het de vraag of deze timing heel erg gelukkig is.
Als ik de teneur op de jaarvergaderingen van de ondernemingen waarin wij beleggen tegen het licht houd, dan is er in de meeste gevallen sprake van gematigd optimisme. Daarbij teken ik aan dat wij ons in de portefeuilleselectie verre houden van risicovolle ondernemingen.
Dat is het aangename van deze enerverende tijd: je kunt goed presterende ondernemingen met een aantrekkelijk toekomstperspectief tegen uiterst schappelijke prijzen aanschaffen.
Met andere woorden, beleggers hebben in de fase na de financiële crisis (nog) nauwelijks onderscheid gemaakt tussen de gemiddeld presterende en gepositioneerde ondernemingen en het echte topsegment.
Ik verwacht dat met de komende publicatie van de halfjaarcijfers er wat meer licht tussen de schepen zal komen. Uiteindelijk zal kwaliteit het altijd winnen. Wanneer een goede bedrijfsprestatie wordt vertaald in een overeenkomstige hogere koerswaardering, laat zich daarbij lastiger voorspellen.
Neem een van mijn favoriete beleggingen, technisch dienstverlener Imtech. De beurskoers van de prima presterende Goudse onderneming is tot dusver in 2011 met ruim 13 procent gedaald. Dat is een pover resultaat, zelfs in vergelijking met de 5%-daling van de AEX-index over deze periode.
Ook de bekendmaking van een recordopdracht van 400 miljoen euro voor het energie-efficiënt maken van achthonderd Duitse kantoren voor een periode van ruim vijftien jaar vermocht beleggers niet inspireren tot aankoop over te gaan.
De Imtech-koers van Imtech sloot de dag van bekendmaking, 6 juni, welgeteld 0,1 procent hoger en dat was een wel erg karige beloning voor deze strategische mijlpaal.
Deze opdracht genereert bovengemiddelde marges, vergroot het aandeel ‘wederkerende omzet’ in de groepsopbrengsten verder en onderstreept het ‘groene’ karakter van Imtech (>25% van de opbrengsten voldoet nu al aan deze kwalificatie!).
Als je bovendien bedenkt dat de opdracht Imtech kwalificeert als ‘best in class’ in deze categorie, waarmee het bedrijf op kop ligt om vergelijkbare opdrachten te gaan winnen, dan rest de conclusie dat je op 6 juni nabeurs méér waarde voor je belegging in Imtech hebt gekregen.
Dat is op zichzelf genomen een prettige vaststelling. Voor risicomijdende beleggers is het dividendrendement van 2,6 procent in het onderhavige geval daarbij een extra zekerheidje.
Maar geen garantie voor een hogere beurswaardering op korte termijn. Daarvoor dient het macroklimaat toch echt wat zonniger te worden. De sleutel daarvoor ligt bij de politiek en de (centrale) bankiers.
Net als vorig jaar ga ik ervan uit dat de tweede helft van dit beleggingsjaar ons wat meer zonnige perioden zal brengen. Want met de meeste ondernemingsprestaties is niets mis.
Meer columns van Willem Burgers