VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

05 april 2012

Beleggers schieten weinig op met 'nieuw' Certificaat van BNP Paribas

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

BNP Paribas lanceerde een nieuwe productcategorie voor particuliere beleggers. De Certificaten blijken weinig vernieuwend; de balans tussen risico en rendement is slechter dan bij 'gewone beleggingen.'

BNP Paribas brengt een soort gestandaardiseerde variant van de ‘reverse exchangeable', maar dan aangevuld met een ‘knock out putoptie'.

Dat is een nieuwtje en dit soort opties kan een particuliere belegger inderdaad zelf niet kopen. Maar of die aanvulling een verbetering is, zal nog moeten blijken.

Wie een koopt, koopt dus eigenlijk een aandeel (of index), met een daarop geschreven (dus verkochte) calloptie plus een gekochte knock-outputoptie.

Een knock-outputoptie is een putoptie die vervalt als tijdens de looptijd een bepaalde grens wordt bereikt, hier dus de rendementgrens. Het lijkt ingewikkeld, en dat is het aan de achterkant ook.

Van voren
Hoe werkt een Rendement Certificaat aan de voorkant dan? Dat is op zichzelf wel makkelijk: je doet voor een vastgestelde periode mee met een aandeel, maar dan wel zonder het dividend.

Als het aandeel stijgt, krijg je een ‘vast rendement', dat kan dus meer maar ook minder zijn dan de werkelijke koerswinst van het aandeel of de index.

Als het aandeel daalt krijg je datzelfde vaste rendement, tenzij de koers tussentijds onder een bepaald niveau is gezakt, dan krijg je de slotkoers. Je kan dus volledig mee naar beneden indien het aandeel instort.

Omdat je nooit dividend krijgt doe je het met het Certificaat vooral slechter als de zaak flink daalt of flink stijgt. En zoals iedereen weet is dat dus bijna altijd. Alleen als de onderliggende waarde maar een beetje beweegt, doe je het beter met het Rendement Certificaat.

Slechtere balans
Het nadeel is duidelijk. Het opwaarts potentieel is beperkt terwijl het neerwaarts risico aanwezig blijft. Daarmee wordt de balans tussen rendement en risico slechter dan bij een ‘gewone' belegging in (bijvoorbeeld) aandelen.

De prijs voor die verslechtering vloeit in de vorm van kosten en vergoedingen voor een groot deel richting BNP Paribas.

Er moeten hier haast wel verborgen kosten in het spel zijn. Bewijslast is nu nog moeilijk en veel koersgegevens zijn er nog niet maar het vermoeden is sterk dat hier, net als bij andere gestructureerde producten, moeilijk zichtbare kosten worden ingehouden.

Ten eerste doordat je bij aan- en verkoop in de praktijk vooral handelt tegen de uitgevende bank, met een flinke bied- laatspread.

Daarnaast worden de opties vermoedelijk gekocht bij de eigen interne optiehandelaren. De prijsvorming is zeker voor de knock-outopties voor buitenstaanders niet te volgen, maar zal niet in het nadeel van de bank zijn, om het maar eens een eufemisme te gebruiken.

Een bank mag uiteraard proberen geld te verdienen met de verkoop van gestructureerde producten, maar dan neem ik de vrijheid om te zeggen dat de meeste beleggers beter gewoon aandelen kunnen kopen en al die toeters en bellen van het Rendement Certificaat beter links kunnen laten liggen. En dat is geen nieuws.

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}