VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

De strategie van Joel Greenblatt

undefined


SELECTIECRITERIA
1. 
Geen banken, verzekerings- of nutsbedrijven. 

2. Marktwaarde van tenminste 50 miljoen euro
3. Earnings yield (EBIT/ EV) hoger dan 90% van de aandelen
4. Return on Capital (EBIT/ NF Assets+ Working Capital) hoger dan 90% van de aandelen

 

Volg deze portefeuille    

Terug naar het overzicht

Goedkoop
Grahams filosofie is dat een belegger moet toeslaan als “Mr. Market” depressief is en aandelen in de uitverkoop worden gegooid. Het eerste fundament onder de formule van Greenblatt is geleend van Graham en moet ervoor zorgen dat een belegger niet te veel betaalt voor een aandeel. Hiervoor gebruikt Greenblatt de zogeheten earnings yield, oftewel de winst van een bedrijf afgezet tegen de ondernemingswaarde, de marktwaarde van alle aandelen plus de schulden min cashgelden. Vanzelfsprekend geldt: hoe hoger de earnings yield des te aantrekkelijker Greenblatt het bedrijf vindt. Het tweede fundament onder de formule keek Greenblatt af van waarschijnlijk de beste leerling van Graham: Warren Buffett. ’s Werelds bekendste belegger ondervond aan den lijve dat goedkoop soms duurkoop is. De naam van Buffetts investeringsfonds, Berkshire Hathaway, herinnert hem daar elke dag aan. Berkshire Hathaway was oorspronkelijk een textielonderneming. Buffett kocht het hele bedrijf in het midden van de jaren zestig voor minder dan de voorraden en debiteurenrekeningen. Maar door strenge concurrentie met veel goedkopere textielondernemingen in lagelonenlanden was de onderneming ondanks forse kapitaalinjecties zwaar verlieslatend. Na decennia kwakkelen liquideerde de grootmeester de onderneming. Buffett: “Iemand die in een boot vol gaten zit, kan zijn energie beter besteden in het vinden van een nieuwe boot dan proberen alle lekken te dichten”.

Maar geen duurkoop 
Hoe vermijdt Greenblatt de textielbedrijven van onze tijd? De Columbia-professor vond het rendement op het geïnvesteerd vermogen hiervoor een geschikte maatstaf. Deze ROIC (return on invested capital) kan berekend worden door eenvoudigweg de winst te delen door het aangepaste balanstotaal. Bedrijven met een hoge ROIC gaan efficiënt om met de door beleggers toevertrouwde middelen en opereren meestal in een markt waar ze een duurzaam concurrentievoordeel hebben. Bij bedrijven als Coca-Cola, Procter & Gamble en Johnson & Johnson is dat voordeel bijvoorbeeld een oersterk merk. Bedrijven die veel winst maken, kunnen tegen een stootje. Daar komt bij dat deze bedrijven profiteren van een soort sneeuwbaleffect. Ondernemingen met een hoge ROIC kunnen ingehouden winsten elk jaar opnieuw investeren tegen een hoog rendement.

Omgekeerd zijn bedrijven met een lage ROIC weinig interessant omdat ze door de lage winstgevendheid kwetsbaar zijn en vaak voor teleurstellende rendementen zullen zorgen. De “magie” van Greenblatt zit dus in het combineren van de twee zoekcriteria – hoge ROIC en hoge earnings yield – waardoor een belegger bovengemiddeld goede bedrijven koopt voor een prijs die onder het gemiddelde ligt.

 

Bekijk hier de Portefeuille & strategie

undefined

Deze grafiek toont de resultaten van een mandje aandelen dat de VEB selecteerde op basis van een aantal criteria. Deze criteria vloeide voort uit de beleggingsstrategie van Joel Greenblatt, zoals beschreven in het boek '12 Formidabele Beleggers'. Het betreft hier een cumulatief rendement.