VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

06 juli 2007

ABN Amro schoffeert Ondernemingskamer

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

De juridische strijd om ABN Amro wordt op het scherpst van de snede gevoerd. Op dit moment gaat de aandacht vooral uit naar de door de Ondernemingskamer bevolen bevriezing van de LaSalle verkoop en de vraag of die beschikking bij de Hoge Raad overeind blijft. Het advies van Advocaat Generaal Timmerman lijkt gunstig voor Barclays en Bank of America.

Zelfs indien de Hoge Raad de beschikking vernietigt, is er een reële kans dat de Hoge Raad de zaak terugverwijst naar de Ondernemingkamer. Dan vindt weer opnieuw een beoordeling plaats. In de procedure zijn tot nu toe alleen de gevraagde onmiddellijke voorzieningen (bevriezing) aan bod geweest. De hoofdzaak in de enquêteprocedure - de vraag of sprake is van gegronde redenen om te twijfelen aan een juist beleid en of daar een onderzoek naar moet worden gelast - is nog niet aan de orde geweest. ABN Amro wil de behandeling van die vraag door de Ondernemingskamer zo lang mogelijk uitstellen.

In de beschikking van 3 mei 2007 gaf de Ondernemingskamer verweerders de tijd tot 14 juni 2007 om hun verweerschrift in de hoofdzaak in te dienen. ABN Amro vroeg uitstel en kreeg dat ook. Twee weken extra tijd: tot 28 juni 2007. Maar op die datum produceerde ABN Amro geen verweerschrift. Advocaat Olden (NautaDutilh) van ABN Amro schreef doodleuk een briefje (pdf) dat hij pas vlak voor de zitting zijn verweerschrift pas in zal dienen. In dat briefje wekte hij ten onrechte de indruk dat dit met de andere procespartijen was afgestemd. Gisteren kregen Olden en ABN Amro het lid op de neus.

In niet mis te verstane bewoordingen gaf voorzitter Willems van de Ondernemingskamer aan dat ook ABN Amro zich heeft te houden aan de door de Ondernemingskamer gestelde termijnen.

“...kennelijk in de veronderstelling dat de wet u zonder meer de vrijheid geeft uw verweerschrift zeven dagen voor die behandeling in te dienen. Die veronderstelling is een onjuiste."
"De Ondernemingskamer biedt u met inachtneming van het voorgaande nog een laatste gelegenheid uw verweerschrift ten gronde in te dienen en wel uiterlijk maandag 9 juli voor 18:00 uur. Ik wijs u er nogmaals nadrukkelijk op dat een latere indiening met zich mee kan brengen dat het verweerschrift niet tot de procedure zal worden toegelaten.”

Vereniging van Effectenbezitters

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}