VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

24 augustus 2009

Obligatiehouders IJslandse banken mogelijk recht op restwaarde

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

Niet alleen duizenden spaarders, ook beleggers zijn de dupe van de faillissementen van de IJSlandse banken. Bewindvoerders van drie failliete banken roepen obligatiehouders op een claim in te dienen om na te gaan of zij recht hebben op een restwaarde.

Het gaat om beleggers in obligaties van de banken Landsbanki, Glitnir Banki en Kaupthing.

Alleen beleggers die een claim indienen maken kans op uitkering van de restwaarde. De VEB raadt iedere gedupeerde belegger dan ook aan gehoor aan deze oproep te geven.

De kans op een daadwerkelijke uitkering lijkt, zeker voor de achtergestelde obligaties, gering. Echter, niet alle hoop is verloren. Zo bestaat nog onduidelijkheid over de volgorde waarin de vorderingen afgehandeld zullen worden. Door grote verschillen in de positie van spaarders in het IJslands recht enerzijds en Amerikaans en Europees recht anderzijds is vooral onduidelijk hoe deze claims moeten worden behandeld.

Ook is nog niet duidelijk hoeveel er precies onder de schuldeisers te verdelen valt. De bezittingen van de banken daalden tijdens het uitbreken van de crisis zo sterk dat de banken in acute problemen kwamen, maar een deel van deze investeringen kan zich nog herstellen.

Claims dienen door beleggers zelf te worden ingediend. Dit gaat ook bij grote uitgiften van obligaties niet automatisch. De VEB legt per bank uit hoe u dit het beste kunt doen:

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}