VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

17 september 2010

Kleinere beursfondsen bieden kansen. En risico's

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

Waarom beperken tot de hoofdfondsen als er op de Amsterdamse beurs prachtige kleinere bedrijven te vinden zijn? De voors en tegens van smallcaps als belegging.

Niet iedereen koopt zo maar een smallcapper. En dat is jammer, want de wat kleinere fondsen bieden goede beleggingsmogelijkheden. Nadelen zijn er ook.

Een aantal argumenten op een rij:


Overzichtelijk

Kleinere bedrijven zijn vaak minder complex en daarom ook beter te begrijpen. Dat geeft als voordeel dat de belegger beter weet waar hij in belegt.


Sterk in de niche
Kleine bedrijven zijn vaak actief in interessante marktniches. Groot in kleine markten zeg maar. Dat is gunstig bij prijsonderhandelingen met klanten.


Minder handel
De geringe handelsmogelijkheden maakt het lastiger een positie in een klein bedrijf op te bouwen. Bij een tegenvaller is het meestal ondoenlijk van de stukken af te komen, zonder grote prijsconcessies te doen.


Betrokken bestuurders
Kleinere bedrijven worden vaker geleid door betrokken bestuurders, die hun eigen organisatie beter onder controle kunnen houden.


Kwetsbaar
Beleggers mijden vaak kleinere bedrijven omdat deze kwetsbaarder zouden zijn voor tegenslagen. Het wegvallen van een grote klant bijvoorbeeld kan inderdaad al snel een behoorlijke hap uit de winst nemen.

Economische tegenwind kan een smallcap dan ook harder treffen dan grote bedrijven. Grote bedrijven zijn beter gespreid zowel over markten al landen.


Onderwaardering
Grote beleggers mijden de kleinere fondsen omdat de liquiditeit op de beurs onvoldoende is. Daardoor wil er nog wel eens sprake zijn van onderwaardering.

Deze onderwaardering ontstaat ook doordat de fondsen minder regelmatig in het nieuws komen en ze minder frequent door analisten worden gevolgd. Kortom er is informatiegebrek, wat kansen biedt voor de beter geïnformeerde belegger.

Lees ook:

Kwetsbaar
Kleine bedrijven zijn gevoeliger voor het wegvallen van sleutelfiguren, die vaak over veel kennis beschikken.


Lekker hapje
Kleine bedrijven zullen eerder overnamedoelwit zijn dan grote ondernemingen. Juist de nichestrategie maakt hen vaak interessant door een groter bedrijf te worden overgenomen, mogelijk tegen een aantrekkelijke premie.


Minder spreiding
Kleinere bedrijven kennen in de regel een minder gespreid aandelenbezit. De oprichter heeft soms nog een groot belang. De hoge concentratie van het aandelenbezit maakt een overname eenvoudiger.


Exit
De kosten van een beursnotering wegen relatief zwaar op kleine bedrijven. Hierdoor zijn zij vaak eerder geneigd de beurs te verlaten dan grote ondernemingen.


Minder informatie
Over kleinere bedrijven is het lastiger aan informatie te komen. Dat kan het risico van een dergelijke belegging verhogen.


Minder liquide 
Kleine fondsen zijn minder liquide, wat zich onder meer uit in een brede spread tussen bied- en laatkoers en geringe handelsvolumes. Grote spreads ontmoedigen de handel, maar kan voor traders wel kansen geven.


Dividend
Kleine bedrijven keren in de regel meer winst uit dan grote bedrijven. Omdat ook de waarderingen vaak wat achterblijven ligt het dividendrendement bij kleinere fondsen gemiddeld hoger dan bij aandelen uit de midcap of AEX.

Het verwachte dividendrendement voor de AEX voor 2010 ligt op 3,5 procent, tegen 4,4 procent voor de AScX smallcap index.

Voor- versus nadelen
In de praktijk blijken de voordelen vaak zwaarder te wegen dan de nadelen. Het is niet zo dat smallcaps slechter gepresteerd hebben door de kredietcrisis dan fondsen uit de AEX.

Sinds de start van de kredietcrisis na de zomer van 2007 heeft zowel de AEX als de AScX index circa 40 procent prijsgegeven. Kleine bedrijven zijn zoals gezegd vaak actief in nichemarkten wat hen juist recessiebestendiger maakt.
Ook kleine ondernemingen kijken regelmatiger over de grens, al valt hun positie in emerging markets nog tegen.

Bedrijven als Philips, AkzoNobel, DSM en Unilever weten hun winsten eigenlijk alleen nog op peil te houden door te profiteren van de bovenmatige groei in opkomende landen.

Bij smallcaps gaat het er om de pareltjes te selecteren, want er zitten ook voldoende minder aantrekkelijke fondsen tussen. Wat dat betreft is er eigenlijk geen onderscheid met hoofdfondsen. Wie de juiste smallcap ‘ontdekt' kan echter bovengemiddelde rendementen behalen.

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}