VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Uit de indices gelaten worden vergroot het belang om aandeelhouderswaarde te creëren.

One share, one vote, zo hoort het op de beurs. Snap Inc., het moederbedrijf achter de populaire mobiele app Snapchat trok zich daar niets van aan en gaf in maart alleen aandelen uit zonder stemrecht. De weerstand onder beleggers was al groot, nu laten verschillende indexsamenstellers weten dat het aandeel Snap er op deze manier niet in komt. En dat is terecht.

In Effect stond het al, geld geven en verder je mond moeten houden is niet zoals beleggers het graag zien. 

Beleggers die inschreven op de beursgang van Snap stonden vanaf het begin met lege handen; de aandelen die Snap naar de beurs bracht waren ontdaan van stemrecht. ‘Gewone’ aandeelhouders Snap hebben niets te zeggen over het beleid bij de onderneming waaraan ze hun geld toevertrouwen. De twee oprichters van Snap, de twintigers Evan Spiegel en Bobby Murphy, hebben zeventig procent van het stemrecht, terwijl ze maar veertig procent van de aandelen bezitten (de overige stemrechten zijn in handen van vroege investeerders in Snap). 

Spiegel en Murphy gaven aan dat zij zichzelf van eminent belang achten voor de toekomst van de onderneming, en daarom weigeren zij elke inbreng van andere beleggers.

Snap is overigens niet het enige grote technologiebedrijf waar deze praktijk plaatsvindt. Ook de oprichters van Facebook, Google, Zynga, Alibaba en Groupon achten zichzelf dermate onmisbaar dat hun persoonlijke aandelenpakketten meer stemrecht hebben dan die van beleggers die na de beursgang instapten. Het hoort blijkbaar bij een generatie bestuurders die zichzelf een haast profetisch imago aanmeet. Mark Zuckerberg onderstreepte dat onlangs in een toespraak toen hij suggereerde dat Facebook het gat kon opvullen dat ontstond door de teloorgang van de kerken en andere maatschappelijke organisaties.

Nu is Facebook zeer winstgevend en zijn de prestaties van dat aandeel op de beurs ook prima. Snap ontpopte zich echter als een drama voor beleggers. Het is zwaar verliesgevend en de koers van het aandeel dat op 17 dollar naar de beurs kwam steeg weliswaar even tot bijna 30 dollar maar halveerde daarna ruimschoots. Analisten gaan ervan uit dat Snap Inc. nog tot en met 2019 verliesgevend is en de meesten durven er niet meer dan een ‘houden’-advies voor te geven.

Het aandeel Snap staat inmiddels ruim onder de introductieprijs en ligt deze week vermoedelijk opnieuw onder druk omdat enkele grote beleggers aandelenpakketten mogen gaan verkopen: verschillende ‘lockup’-periodes lopen af.

Uit een belangrijke index gegooid worden kan grote gevolgen voor de koers hebben. Beleggers zijn de laatste jaren steeds meer ‘indexvolgend’ gaan beleggen, via trackers en ETF’s. Lage kosten en het feit dat indices met actief beleggen moeilijk te verslaan zijn liggen daaraan ten grondslag.

Maar juist de aandelen die buiten de index vallen bieden actieve beleggers een kans om die index te verslaan. Maar dan moeten die bedrijven wel een goed oog voor de belangen van de aandeelhouder hebben. Daar zit een mooie paradox: nu Snap Inc. vanwege de slechte positie van de aandeelhouder uit allerlei indices wordt gehouden, moet het bedrijf juist alles op alles zetten om beleggers ervan te overtuigen dat Snap wel degelijk een goede belegging is. En dat kan eigenlijk alleen maar door goed te presteren en te laten zien dat de belangen van de aandeelhouders hoog in het vaandel staan.

We zouden het de Snap-paradox kunnen noemen.