VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Duurzaamheid krijgt een steeds prominentere rol in het beloningspakket van bestuurders. Dat zet de komende jaren de deur open voor hogere bonussen, terwijl de daarvoor geleverde prestaties voor aandeelhouders moeilijk te beoordelen zijn.

Wijzigingen in beloningsplannen kennen meestal maar één richting: omhoog.

Deze trend is ook dit jaar te ontwaren bij beoordeling van wijzigingen in beloningsplannen die beursgenoteerde bedrijven recent naar buiten brachten en door de aandeelhoudersvergadering hopen te loodsen.

De steeds grotere nadruk op groen zou wel eens tot flink hogere bonussen in de komende jaren kunnen leiden. En er zijn meer drijvende krachten achter hogere beloningen.

Een kort overzicht:

1. De groene bonusgarantie
Aarzelend maar onmiskenbaar is de opkomst van duurzaamheid als factor om de beloning van bestuurders op te baseren.

Nadat energiereus Shell enkele maanden geleden al aangekondigde de lange termijnbonus voor een deel af te laten hangen van duurzame criteria volgen nu KPN en ingenieursbureau Arcadis.

KPN zal op de vergadering van 10 april aandeelhouders instemming vragen de weging van zachtere criteria van variabele beloning voor lange termijn te verhogen van 25 naar 30 procent. Dit zijn behalve duurzaamheidsdoelen als verlaging van energieverbruik ook ‘targets’ die de tevredenheid van werknemers en de reputatie van het bedrijf meten.

Waar KPN tot nu toe – kort gezegd – de bonus voor zachte doelen alleen mocht uitkeren op voorwaarde dat er ook winst gemaakt werd, wil de telecomreus nu af van deze zogenaamde “circuit breaker”. “Het belang van niet-financiële doelstellingen is van dien aard dat uitkering niet afhankelijk zou moeten zijn van de financiële criteria”, aldus de toelichting van KPN op de wijziging van de bezoldiging.

De zachte criteria hebben de top van KPN behoorlijke bonussen opgeleverd, ondanks achterblijvende financiële prestaties.

KPN scoorde afgelopen drie jaar ondermaats  op de drie financiële doelstellingen – winst per aandeel, aandeelhoudersrendement en vrije kasstroom –waardoor voor deze doelen geen aandelenbonus werd uitgekeerd in 2018.

Maar doordat bestuurders sterk scoorden op de twee zachte doelen “reputatie” en “energie” werd alsnog een aandelenbonus uitgekeerd van 40 procent van het basissalaris.

In 2016 en 2017 werd zelfs maximaal gescoord op de twee zachte criteria, terwijl er – vooral in 2016 – beroerd gescoord werd op de financiële targets. Omdat er nog wel winst werd gemaakt, was de “circuit breaker” in deze jaren niet van toepassing. KPN wil nu ook dit laatste stokje achter de deur naar bonussen bij financieel falen weghalen.

Arcadis
Bij ingenieursbureau Arcadis was de langetermijnbonus van topman Peter Oosterveer tot nu toe volledig afhankelijk van het aandeelhoudersrendement van Arcadis ten opzichte van internationale branchegenoten.

Aangezien “duurzaamheid een kernelement is van het succes van Arcadis” gaat dit criterium vanaf nu even zwaar meewegen in de bepaling van de bonus als aandeelhoudersrendement en de winst per aandeel.

Het ambitieniveau van die duurzaamheidsdoelen is lastig in te schatten. Basis zijn beoordelingen van onderzoeksbureau Sustainalytics, maar deze partij geeft weinig openheid van zaken over de manier waarop hun scores bepaald worden.

Ook voor de jaarbonus wil Arcadis het gewicht van non-financials opkrikken: van 25 procent naar 40 procent. Hier wordt meer gekeken naar zogeheten “people and culture”-criteria, denk aan leiderschap voor de topman en verloop onder personeel.

2. Ook bij (onder)gemiddeld presteren een bonus
Behalve vergroening van bonussen vallen meer ontwikkelingen te bespeuren in de diverse beloningsplannen.

Zo stelt het biologische voedingsbedrijf Wessanen een aanpassing voor die de top al bij gemiddeld presteren een aanzienlijk deel van de bonus toekent.

De helft van de lange termijnbonus van topman Christophe Barnouin is afhankelijk van het rendement op aandelen van Wessanen afgezet tegen 11 vergelijkbare bedrijven.

In het huidige beleid krijgt de Fransman een bonus vanaf de zesde plaats en hoger. De beloningscommissie van Wessanen beoordeelt dit nu als “te rigide”.

Voorstel is om ook al een bonus uit te keren als Wessanen op de zesde (50 procent uitkering) en zevende plek (25 procent) eindigt in de vergelijking met 11 gekozen bedrijven.

Deze versoepeling past in een trend. Ook chipbedrijf BESI en vastgoedfonds NSI leggen aandeelhouders een beleid voor waarin bonusaandelen uitgekeerd kunnen worden bij ondermaats presteren.

3. Bonus opgerekt
Het op eigen gezag toekennen van een bonus, de zogenoemde discretionaire bevoegdheid, is een methode die al langer met enige regelmaat wordt gebruikt door commissarissen.

De dit jaar toegekende discretionaire beloning aan topman Blickman van chipbedrijf BESI valt echter op door omvang. De beloning van Blickman , die ruim 20 jaar aan het roer staat bij BESI, bedroeg bijna 7 miljoen euro in 2018.

Het grootste deel van dit bedrag bestond uit een “discretionaire toekenning van aandelen  vanwege buitengewone verrichtingen en exceptioneel presteren”.

Met een dergelijke vergoeding moet Blickman alleen de topmannen van grootmachten als Shell, Unilever en Heineken voor zich laten. Topman Peter Wennink van de veel grotere sectorgenoot ASML –omzet bijna 20 keer zo hoog als BESI – verdiende met 3,5 miljoen euro aanzienlijk minder.

Vanaf volgend jaar kan Blickman mogelijk nog meer verdienen. Het beloningspakket gaat over de hele breedte omhoog. En de mogelijkheid om dit pakket naar eigen goeddunken verder aan te kleden, houden commissarissen beschikbaar.

4. Belangenparallel opbouwen met bonus
Beursgenoteerde bedrijven eisen steeds meer dat topmannen een belang opbouwen in het bedrijf dat zij besturen om een belangenparellel te creëren met de aandeelhouders.

Zo verlangt KPN dat Topman Maximo Ibarra een belang opbouwt van 2,5 jaarsalarissen (bij elkaar 2,3 miljoen euro). Tot nu toe was het beleid twee basissalarissen.

Ibarra wordt met een periode van “circa 5 jaar” ruim de tijd gegund om dit belang op te bouwen. Het beloningsbeleid helpt ook een handje mee, want vanaf volgend jaar zal de betaling van de jaarbonus voor 50 procent in aandelen plaatsvinden totdat het afgesproken belang is bereikt.

In december vorig jaar kocht Ibarra met eigen geld honderdduizend aandelen KPN om “zijn vertrouwen in operationele, financiële en strategische voortgang te laten zien”. Als daar zijn voorwaardelijke welkom- en LT-bonus bij opgeteld worden komt het totale pakket uit op bijna 700 duizend aandelen met een waarde van bijna 2 miljoen euro.

Het heeft er alles weg van dat Ibarra geen eigen geld meer hoeft te steken in KPN om over vijf jaar aan de nieuwe richtlijn te voldoen.