VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Dertig jaar geleden is het dit najaar, dat het ijzeren gordijn tussen West-Europa en Oost-Europa en hun verschillende economische systemen neerging. In Duitsland zijn de oostelijke deelstaten de vernietigende impact van een halve eeuw socialisme en mismanagement nog niet te boven. Honderden miljarden euro’s aan subsidies uit West-Duitsland konden de economie en productiviteit niet op hetzelfde niveau brengen.

Bekijk de problematiek met een beleggersbril en dan zie je meteen wat er mis is. Slechts een handvol beursgenoteerde bedrijven komen uit het oosten, bestuurders komen vrijwel allemaal uit het westen, beleggen wordt veelal gezien als speculatie. Maar lichtpuntjes zijn er ook.

Gunther Schnabl, hoogleraar economie aan de Universiteit van Leipzig, wijst op de voor de hand liggende historische oorzaken tussen oost en west. ‘Door de Koude Oorlog verhuisden veel bedrijven in de jaren vijftig en zestig naar West-Duitsland. Na de val van de Muur zijn veel bedrijven in het oosten overgenomen door westerse bedrijven. De Duitse regering heeft veel geld gestoken in Oost-Duitsland maar de dynamiek is ver te zoeken. Als de economie nauwelijks groeit, heeft het ook weinig zin om te investeren. Deprimerend? Ja, dat kun je gerust zo noemen.’

Probiodrug
Beursgenoteerde ondernemingen zijn in de ‘nieuwe deelstaten’ in het oosten op een hand te tellen. Een van de kleinste bedrijven op de Amsterdamse beurs, gemeten naar beurswaarde, is een bedrijf uit het Oost-Duitse Halle. Biotechbedrijf Probiodrug zocht zijn toevlucht in Nederland. Een riskante belegging, was meteen duidelijk.

Chipproducent X-Fab uit Erfurt is ook een voorbeeld van een beursfonds uit het oosten. Maar ook dit bedrijf sloeg Frankfurt over. X-Fab ging twee jaar geleden naar de beurs in Parijs. De belangrijkste reden: het contact met grote internationale beleggers is buiten Duitsland makkelijker te leggen.

Econoom Reint Gropp is directeur van denktank IWH in het Oost-Duitse Halle. Dat er in Duitsland zeer weinig jonge beursgenoteerde ondernemingen zijn in verhouding tot de omvang van het land heeft volgens hem deels te maken met de kleine beleggersgemeenschap.

“Er zijn weinig institutionele beleggers in Duitsland die in IPO’s beleggen. Levensverzekeraars beleggen heel weinig in aandelen. Er zijn geen pensioenfondsen zoals in Nederland of universitaire stichtingen zoals in Amerika. Er zijn daarom ook weinig analisten die bekend zijn met deze nieuwe sectoren. We hebben een kritische massa nodig om tot een zelfversterkend proces te komen. Bedrijven wijken om die reden uit.”

Volgens Gropp ontbreekt het in heel Duitsland aan vernieuwingsdrang. De situatie in het oosten is nog wat erger. “Als je kijkt naar de 500 grootste Duitse bedrijven, dan zijn er zeer weinig, ongeveer 2 procent, opgericht na 1980. Als je naar dezelfde cijfers in de VS kijkt, zie je dat ongeveer 15 tot 20 procent van de 500 grootste bedrijven na 1990 zijn opgericht. Als je aan ondernemers in Duitsland denkt, zie je de heer Benz of Siemens of de heer Krupp of de heer Bosch voor je. Die zijn allemaal al honderd jaar dood. Dat is in Amerika heel anders. Mark Zuckerberg is zelfs jonger dan wij beiden. SAP en Rocket Internet zijn uitzonderingen.”

Incubator
Rocket Internet is een incubator voor technologiebedrijven uit Berlijn die een eigen on-Duits vliegwiel in gang heeft gezet. De nieuwelingen Zalando, Delivery Hero en Hello Fresh komen uit dezelfde familie.

Uit Berlijn, maar niet uit deze familie, komt ook First Sensor, dat via de beleggingsfondsen van Teslin ook heel wat Nederlandse aandeelhouders heeft. First Sensor maakt optische sensoren en druksensoren. Die markt groeit snel en blijft komende jaren sterk, zo is de verwachting. Sensoren worden steeds vaker in machines, auto’s en medische apparatuur gebruikt voor het oogsten van data.

Gunther Schnabl uit Leipzig zegt dat bedrijven een internationale focus moeten hebben, voor zowel het aantrekken van beleggers als voor het afzetten van producten. “Het ontbreekt in Duitsland wel aan een perspectief op goede rendementen.” Dat ligt volgens hem aan de inrichting van de Duitse economie. Hij noemt de regulering vanuit de overheid, de belastingdruk en de vergrijzing van de bevolking. “Zeker hier in het oosten zal geen Silicon Valley ontstaan. Duits kapitaal verdwijnt over de grens, vaak naar de VS en Azië waar het beter rendeert.”

Ibu-Tec uit de deelstaat Thüringen ging twee jaar geleden naar de beurs. Het kreeg een notering op Scale, het segment van Deutsche Börse voor kleine en middelgrote ondernemingen. Met deze index biedt de Duitse beurs een alternatief voor de door de EU gereguleerde marktsegmenten. Bij gebrek aan analisten levert Deutsche Börse de onderzoeksrapporten voor bedrijven uit dit segment met een lichter toezichtregime.

Een ander bedrijf dat zijn oorsprong heeft in de voormalige DDR is windturbinefabrikant Nordex. Het bedrijf produceert de turbines aan de Oostzee, met een hoofdkantoor in Rostock. Maar het bestuur zetelt in Hamburg.

Carl Zeiss
Carl Zeiss Meditec is wel een bedrijf uit het diepe oosten dat zeer succesvol is. Het is een onderdeel van de befaamde Duitse fabrikant van optische systemen Zeiss. Deze onderneming heeft een Nederlandse connectie. Chipmachinefabrikant ASML heeft voor 1 miljard euro een minderheidsbelang genomen in een andere dochter van het bedrijvenimperium dat teruggaat tot 1846.

Analisten van de bank Berenberg toonden zich onlangs enthousiast over het aandeel. Maar de recente koerswinst maakt Carl Zeiss Meditec op het huidige niveau duur. “Indrukwekkende focus, oogverblindende waardering”, stond boven het rapport voor beleggers.

Oost-Duitsland staat niet bekend om zijn innovatieve karakter. Maar Zeiss heeft volgens Berenberg een lange staat van dienst met innovatie. Carl Zeiss Meditec is een van ‘s werelds grootste bedrijven in de medische technologie.“De geschiedenis van Carl Zeiss is natuurlijk zeer bekend in het Oosten”, zegt Gropp. “Maar of Oost-Duitsers daadwerkelijk ook aandelen van de onderneming kopen? Dat is een heel ander verhaal.”

Carl Zeiss Meditec biedt diagnose, behandeling en oplossingen voor oogziekten. Door de veroudering van de Europese bevolking groeit de markt voor chirurgische oogheelkunde met 4 à 5 procent per jaar. Opkomende markten helpen de marktleider ook groeien. De margeverbetering maakt indruk.

Het is toch een zeldzaam succes. Joachim Ragnitz, econoom van de invloedrijke denktank IFO, standplaats Dresden: “Er zijn zeer weinig bedrijven in Oost-Duitsland die vanwege hun omvang geschikt zijn voor een beursgang. De weinige grotere bedrijven zijn vaak dochters van West-Duitse bedrijven of buitenlandse concerns. Helaas is het ook zo dat veel kleinere bedrijven geen uitgesproken wil hebben om te groeien en niet zoveel kapitaal nodig hebben dat ze daarvoor naar de beurs gaan.”

Ossi-index
Ragnitz wijst erop dat er ooit pogingen zijn gedaan om een Oost-Duitse aandelenindex samen te stellen. “Maar daar is vandaag de dag weinig over te vinden op internet. Het lijkt dus niet zo succesvol te zijn geweest.”

We sporen de bedenker van deze ‘ossi-index’ op. Dat is Lutz Hering. Hij is directeur van DRH Vermögensverwaltung, volgens Hering een van weinige vermogensbeheerders uit Dresden met de benodigde vergunningen.

“We zochten aandacht voor beursfondsen uit de deelstaten in het oosten”, vertelt hij. “Maar de totale marktwaarde van bedrijven is kleiner dan die van Siemens. Hoewel we veel industrie hebben in het oosten, vooral hier in de deelstaat Saksen, is een Volkswagen of een Daimler uit de grond stampen als beursfonds toch niet realistisch.”

Toch zijn er heus meer positieve uitzonderingen dan alleen de jonge starters uit Berlijn en de erfenis van Zeiss, zegt Hering. Hij noemt het kleine biotechbedrijf Vita34 en het veel grotere Jenoptik, een bedrijf dat in 1998 als een van de eerste Oost-Duitse bedrijven naar de beurs ging. De deelstaat Thüringen is nog steeds de grootste aandeelhouder. “Het had in de DDR-tijd al zeer veel kennis in huis. Dat is bewaard gebleven in de tijd na de Wende. Het is een sterk bedrijf.” Marktwaarde: 1,7 miljard euro.

Hering vertelt dat sommige klanten vanuit een soort ‘lokaal patriottisme’ graag in Oost-Duitse ondernemingen wilden beleggen. De Oost-Duitsers waren vooral enthousiast over Sachsenring, de voormalige maker van de Trabant uit Zwickau. Maar dat leverde tragisch genoeg juist een nieuw trauma op. In 2013 moest Sachsenring uitstel van betaling aanvragen.

“Dat was niet mooi”, zegt Hering met gevoel voor understatement. “Het is ook geen kwaliteitskenmerk dat een bedrijf om de hoek is gevestigd.”

Kapitalisme is in het oosten nog niet erg doorgebroken. Een aandelencultuur is er niet. Beleggen doen Oost-Duitsers nog minder dan West-Duitsers waardoor ze relatief weinig vermogen opbouwen. Volgens onderzoek van Comdirect van vorig jaar heeft niet meer dan 1,6 procent van de Oost-Duitsers in beleggingsfondsen of aandelen geïnvesteerd. Een groot deel daarvan woont in Berlijn. In de landelijke gebieden wordt vrijwel niet belegd.

“Dat komt door onze mentaliteit”, zegt Hering. ‘“Mensen praten niet graag over geld. De Duitser is zeer bezorgd over risico’s, in het oosten maar ook in het westen. Aandelen zijn natuurlijk verbonden met risico’s.” De volatiliteit op de beurs maakt mensen nerveus en heeft ook problemen gebracht, zegt hij. Niet alleen bij Sachsenring uit Zwickau maar ook met volksaandeel Deutsche Telekom en de jonge Duitse beurs Neue Markt die na 2000 instortte.

Beleggen wordt voornamelijk door welvarende Duitsers gedaan. “Aandelen worden doorgaans gezien als speculatie”, zegt Gropp. “Als iets duisters. Er is een gebrek aan inzicht in wat een aandeel eigenlijk is, namelijk de toekomstige winst van een bedrijf. Het openbare pensioenstelsel is in Duitsland misschien ook te goed. Vooral in het oosten hebben mensen het gevoel dat de staat voor gepensioneerden moet zorgen en niet de financiële markten. Dit idee leefde natuurlijk in de planeconomie, maar is over heel Duitsland verbreid. Frankfurt is misschien een uitzondering, daar praat men nog over beleggen.”

Een belegging in Oost-Duitse fondsen zou overigens nog helemaal geen slecht idee geweest zijn. Lutz Hering werkte op verzoek zijn oude index bij. De ossi-index laat vooral sinds 2017 een scherpe lijn omhoog zien.

Ongeveer 16 miljoen van de 82 miljoen inwoners van Duitsland wonen in Oost-Duitsland, inclusief Berlijn. Maar in de bestuurskamers en op hoge posities zijn Oost-Duitsers bijzonder slecht vertegenwoordigd. Van de bestuursfuncties van de DAX-beursfondsen wordt minder dan 2 procent ingenomen door een Oost-Duitser. Geen enkel bedrijf uit de hoofdindex DAX heeft ook een hoofdkantoor in Oost-Duitsland. In het oosten zijn bedrijven gemiddeld kleiner dan in het westen. Ze geven ongeveer de helft minder uit aan onderzoek en ontwikkeling dan in het westen. In het oosten ligt de productiviteit van de economie op driekwart van het gemiddelde van het westen. Volgens econoom Reint Gropp heeft de Oost-Duitse economie veel creatief en innoverend vermogen verloren als gevolg van emigratie en nationalisatie van bedrijven. Na de Wende bleven de bloeiende landschappen met nieuwe bedrijven uit.

Dit artikel is exclusief voor VEB-leden. Om verder te kunnen lezen, moet u 'inloggen' (knop rechtsboven in het scherm)
Nog geen VEB-account?
Voor toegang tot alle pagina's van deze website dient u een VEB-lidmaatschap aan te houden en in te loggen met uw VEB-account.
Ik ben lid en wil een account aanmaken
Ik word VEB-lid