VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Techbedrijven zijn dominant in veel etf's. Wie dat een probleem vindt, kan kiezen voor een gelijkgewogen variant.

In tijden van sterke concentratie in marktgewogen indices, bepaalt een handvol Amerikaanse techreuzen een groot deel van het rendement. Het succes van de beurs rust steeds meer op de schouders van een paar bedrijven en dat kan beleggers ongemakkelijk maken. Op zoek naar alternatieven lijkt een etf die alle aandelen gelijk weegt een logische optie. Maar eerst is het goed om te begrijpen hoe deze producten werken, wat ze opleveren en welke alternatieven er zijn.

Bij een ‘gewone’, marktgewogen index wordt elk bedrijf gewogen op basis van zijn beurswaarde. Apple, Microsoft en Nvidia wegen veel zwaarder dan bijvoorbeeld een middelgrote verzekeraar of een regionaal nutsbedrijf. Bij een gelijkgewogen etf (de term equal weight is hierbij gangbaar) daarentegen, krijgt elk aandeel in de index exact hetzelfde gewicht, ongeacht de beurswaarde.

Hogere kosten
Voor de S&P 500 Equal Weight Index betekent dat bijvoorbeeld dat elk van de vijfhonderd bedrijven 0,2 procent weegt. De index wordt elk kwartaal geherbalanceerd. Tussen deze momenten gaan de gewichten weer schuiven. De lopende kosten vallen bij gelijkgewogen etf’s vaak hoger uit, doordat de periodieke herbalancering leidt tot meer aan- en verkopen.  

Gelijkgewogen beleggen heeft belangrijke gevolgen voor de strategie. Bij elke herbalancering worden aandelen die de voorgaande periode goed hebben gepresteerd deels verkocht. Achterblijvers worden juist bijgekocht. Op die manier krijgen alle posities weer precies hetzelfde gewicht. Hoewel dat klinkt als ‘koop laag, verkoop hoog’, betekent het in de praktijk dat je contrair belegt. Als winnaars het goed blijven doen, een verschijnsel dat ‘momentum’ wordt genoemd, kan dat fors ten koste gaan van het rendement.

 

Gevoeliger voor schommelingen
Er is ook een meer fundamenteel bezwaar. Een marktgewogen index volgt de waardering die de markt aan bedrijven toekent. Een gelijkgewogen index wijkt daar bewust van af door elk aandeel op de herwegingsdatum hetzelfde gewicht te geven. De belegger kiest daarmee bewust niet voor de marktconsensus, maar voor een alternatieve weging.

Daarnaast introduceert equal weight een zogenoemde tilt. Dat betekent dat een belegger bewust meer gewicht geeft aan een bepaalde beleggingsstijl, in dit geval meer nadruk op kleinere bedrijven dan in een brede marktindex. Doordat elk bedrijf gelijk wordt gewogen, krijgen kleinere ondernemingen relatief veel gewicht ten opzichte van hun beurswaarde. Dat maakt de portefeuille gevoeliger voor schommelingen omdat kleinere bedrijven gemiddeld volatieler zijn en minder liquide.  

Minder tech, meer industrie
Er verandert ook iets aan de sectorblootstelling. De exacte effecten zijn afhankelijk van de specifieke index, maar gelijk wegen zorgt over het algemeen voor een minder zware weging van de technologiesector vergeleken met de marktgewogen index. Dat heeft simpelweg te maken met het aantal bedrijven per sector. Op het moment van herbalanceren hangt het sectorgewicht in een gelijkgewogen index grofweg samen met het aantal bedrijven dat een sector in de index heeft.

Bij de Amerikaanse en wereldwijde indices die we bekijken komt de nadruk sterker te liggen op waarde-aandelen, en minder op groei. Waar in een marktgewogen index vooral hoger gewaardeerde bedrijven zwaar wegen, geeft gelijke weging juist meer gewicht aan relatief lager gewaardeerde bedrijven. Dit hangt samen met de huidige markt, waarin relatief dure techbedrijven de overhand hebben.

Wanneer zinvol?
Equal weight biedt in bepaalde omstandigheden duidelijke voordelen. Het sterkste voordeel is het vermijden van concentratierisico. Neem de Amerikaanse S&P 500. Daar hebben de acht grootste ondernemingen – allemaal techbedrijven – samen een gewicht van meer dan 35 procent. Ook in de MSCI World wegen ze met ongeveer 25 procent zwaar mee. Wie dit ziet als risico – één sector, gevoelig voor dezelfde schokken – vindt in de gelijke weging een manier om dat te corrigeren.  

In het verleden zijn er lange periodes geweest waarin equal weight de marktgewogen variant kon bijhouden of verslaan, vooral wanneer kleinere en middelgrote bedrijven relatief sterk presteerden. Dat speelt gelijk wegen in de kaart.

Voor de belegger die bewust meer blootstelling wil aan het midden- en kleinsegment van de markt, zonder een aparte smallcap-etf te kopen, kan equal weight een goede optie zijn. Het is een combinatie van meer blootstelling aan de factoren waarde en omvang en juist weg van concentratie en momentum, in één enkel product.

 

Wat is er te koop?  
Gelijk wegen zegt hoe je belegt, maar nog niet in wat. Er is een specifiek aanbod van etf’s die een gelijkgewogen index volgen. De producten richten zich vooral op populaire indices die de basis vormen van veel portefeuilles:  

1 De Amerikanen
De bekende S&P 500 volgt vijfhonderd grote Amerikaanse bedrijven en is de populairste index om gelijk te wegen. Deze equal weight-variant deed het sinds de introductie in 2003 vaak wat beter dan de marktgewogen variant, maar blijft de afgelopen paar jaar flink achter.  

Alle etf’s in dit artikel worden ieder kwartaal geherbalanceerd. In de praktijk betekent dat bij marktgewogen indices vaak weinig meer dan finetuning, terwijl beheerders bij gelijkgewogen indices echt moeten ingrijpen. Dat zorgt mede voor de hogere kosten van equal weight-etf’s.

2 De ontwikkelde markten  
Ook buiten de VS kun je gelijkgewogen beleggen, hoewel het aanbod een stuk kleiner is. Er zijn twee grote etf’s met een substantieel belegd vermogen (en een duidelijk verschillende aanpak): de Invesco MSCI World Equal Weight UCITS ETF en de VanEck World Equal Weight Screened UCITS ETF.

De basis van de Invesco-etf is de bekende wereldindex voor ontwikkelde markten, de MSCI World. Het is een portefeuille met 1.311 posities. Die krijgen dan ook allemaal een beperkt gewicht bij iedere herbalancering: circa 0,08 procent. 

De VS hebben in de MSCI World een gewicht van zo’n 70 procent. Dat weerspiegelt de omvang van de Amerikaanse beurs. Gelijk wegen zorgt ervoor dat het gewicht aansluit bij het aantal bedrijven uit ieder land. In de MSCI World Equal Weight betekent dat een gewicht voor de VS van 36 procent.

VanEck volgt met zijn etf de Solactive World Equal Weight Screened Index. Deze selecteert de tweehonderdvijftig grootste en voldoende liquide aandelen uit ontwikkelde markten en sluit bedrijven uit die actief zijn in bepaalde niet-duurzame sectoren.  

Per regio (Noord-Amerika, Europa, Azië) worden maximaal honderd bedrijven opgenomen.  

De portefeuille leunt hiermee meer richting de grootste bedrijven. De kosten van de etf zijn relatief hoog. Zeker in vergelijking met de goedkoopste beschikbare MSCI World-tracker. De Nederlandse fondsstructuur van VanEck beperkt dividendlekkage en kan zo de hogere kosten wel deels compenseren.

De rendementen
De Solactive-index, die de VanEck-etf volgt, is gestart in 2013. Deze laat over de hele periode de beste prestaties zien, maar die komen vooral uit de eerste twee jaar. Vanaf april 2015 behaalt de MSCI World het hoogste rendement, met 10,7 procent per jaar, tegenover 9,3 voor de index van Solactive en 7,8 voor de MSCI World Equal Weighted. De grotere bedrijven hebben het goed gedaan en die zijn het sterkst vertegenwoordigd in de marktgewogen wereldindex. De Solactive World Equal Weight Screened heeft ook iets meer nadruk op die bedrijven.

 

Niet passend voor iedereen
Gelijkgewogen etf's zijn een verdedigbare strategie met een duidelijk profiel ten opzichte van de marktgewogen variant: minder concentratie bij een paar grote bedrijven, een andere spreiding en sectorblootstelling, en meer focus op kleinere ondernemingen. Maar het is zeker niet zomaar voor iedereen passend.

De belegger die gelooft dat de markt te sterk geconcentreerd is en niet gelooft dat de winnaars van vandaag ook per definitie de winnaars van morgen zijn, kan er bewust voor kiezen. Wie puur op lage kosten wil meegaan met de markt, is beter af met een klassieke marktgewogen index. 

Interessant alternatief 
Een gelijkgewogen index draait aan meerdere knoppen tegelijk: meer nadruk op waarde en kleinere bedrijven, minder concentratie, bij wereldindices minder blootstelling aan de VS en een contrair element. Als juist die combinatie is wat een belegger zoekt, is equal weight een schot in de roos.

Maar wie vooral op één van deze kenmerken mikt, kan ook naar gerichtere alternatieven kijken. Bijvoorbeeld naar de iShares MSCI World Sector & Country Neutral Equal Weight UCITS ETF (IE000Z1PCR88). 

De onderliggende MSCI World Equal Weighted Country & Sector Neutral Index is een vreemde eend in de bijt. Deze relatief nieuwe index verdeelt de markt in categorieën: elke combinatie van land en sector vormt één categorie.  

Aan elke categorie – bijvoorbeeld ‘Nederlandse banken’ of ‘Amerikaanse technologiebedrijven’ – wordt hetzelfde gewicht toegekend als in de marktgewogen MSCI World. Binnen die categorieën worden de bedrijven vervolgens gelijk gewogen. Zo volg je de marktstructuur nog grotendeels, maar verdwijnt de concentratie van enkele bedrijven die binnen een sector en land overheersen. Het maximale gewicht van een individueel aandeel ligt rond 0,4 procent, terwijl dat in de MSCI World 5,3 procent is.

De iShares-etf is pas sinds september 2025 genoteerd, de index bestaat niet veel langer. De kosten zijn met 0,2 procent relatief laag, maar een trackrecord ontbreekt nog. 

VEB-lidmaatschap
Nog geen VEB-account?
Voor toegang tot de volledige website dient u een VEB-lidmaatschap aan te houden en in te loggen. Indien u lid bent, maar nog geen account heeft kunt u ook klikken op ‘inloggen’ en daarna een account aanmaken.
Meer infomatie over het VEB -lidmaatschap