VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Intel leek zijn plaats in de voorhoede van de chipindustrie kwijtgeraakt. Inmiddels rekenen beleggers weer op groei in AI-datacenters en chipproductie. De beurs anticipeert daarmee op een herstel dat in de cijfers nog zichtbaar moet worden.

Nog geen twee jaar geleden gold Intel als een van de grote verliezers van de chipindustrie. Het Amerikaanse bedrijf verspeelde zijn voorsprong in chipproductie aan TSMC, zag AMD terrein winnen in servers en moest toezien hoe Nvidia uitgroeide tot de belangrijkste leverancier van hardware voor kunstmatige intelligentie.

Die neergang kwam niet uit het niets. Intel domineerde rond de eeuwwisseling de chipindustrie, maar verloor daarna terrein door productievertragingen, mislukte innovatietrajecten en het onderschatten van nieuwe markten zoals AI-versnellers.

Nieuwe topman leidt omslag in
Donderdag kreeg het veranderde sentiment rond Intel een tastbare bevestiging. De Amerikaanse zakenbank Bank of America verhoogde het advies voor het aandeel in één beweging van verkopen naar kopen en schroefde het koersdoel op van 96 naar 135 dollar. Achter die zeldzame dubbele opwaardering schuilt een groeiend vertrouwen in zowel de serveractiviteiten als Intel Foundry, de divisie waarmee het concern chips produceert voor externe klanten.

Het aandeel steeg direct met meer dan 9 procent en zette daarmee een opmerkelijke wederopstanding voort. In een jaar tijd is de koers met meer dan 460 procent gestegen. Waar Intel lange tijd werd gezien als een bedrijf dat de belangrijkste ontwikkelingen in de sector had gemist, behoort het inmiddels weer tot de opvallendste namen op Wall Street.

Die omslag valt voor een belangrijk deel samen met de komst van topman Lip-Bu Tan. De voormalig bestuursvoorzitter van softwarebedrijf Cadence en oud-bestuurslid van Intel nam vorig jaar het roer over van Pat Gelsinger, onder wiens leiding het herstel onvoldoende vaart kreeg. Sindsdien ligt de nadruk op een eenvoudiger organisatiestructuur, kostenbeheersing en snellere besluitvorming.

De herwaardering van Intel hangt daarnaast nauw samen met kunstmatige intelligentie, het thema dat de chipsector momenteel domineert.

AI zorgt voor comeback van Intel op de beurs

Bron: Bloomberg. Historische ontwikkeling van de maandkoersen (juni 1986 – juni 2026).

Meer dan een Nvidia-verhaal
De aandacht van de financiële media gaat vrijwel volledig uit naar Nvidia, maar de uitbreiding van AI-infrastructuur draait niet uitsluitend om gespecialiseerde AI-chips van deze gigant. Datacenters blijven afhankelijk van serverchips die gegevens verwerken, systemen aansturen en rekenwerk verdelen. Intel behoort in die markt nog altijd tot de grootste spelers.

Bank of America verwacht dat de vraag naar dergelijke chips de komende jaren stevig blijft groeien. Volgens de zakenbank kan Intel daardoor profiteren van de investeringsgolf die momenteel door de technologiesector trekt.

Dat betekent niet dat de onderneming terugkeert naar de bijna monopoliepositie die zij twintig jaar geleden innam. De concurrentie van AMD, Nvidia en Arm is daarvoor te sterk geworden. De markt voor AI-infrastructuur groeit echter in een tempo waarbij meerdere bedrijven hun omzet en winst kunnen vergroten zonder dominant te zijn.

Intel staat dus niet buitenspel in AI. Maar het moet nog bewijzen dat zijn serverchips ook echt profiteren van de nieuwe investeringsgolf in datacenters.

Intel blijft groot, maar AMD en Arm knabbelen aan de voorsprong

Bron: Mercury Research, Bank of America. Taxaties analisten voor marktaandeel server-CPU's.

De beurs kijkt al jaren vooruit
Minstens zo belangrijk als de serveractiviteiten is Intel Foundry. Daarmee probeert het concern een positie op te bouwen als onafhankelijke chipfabrikant, vergelijkbaar met marktleider TSMC in Taiwan.

Voor de Verenigde Staten heeft dat een strategische dimensie. Zowel Washington als grote technologiebedrijven zoeken naar manieren om de afhankelijkheid van Aziatische spelers te verkleinen. Intel beschikt over fabrieken, technische kennis en politieke steun. Die steun gaat verder dan subsidies alleen. De regering-Trump bouwde vorig jaar een belang van circa 10 procent op in het concern, waarmee Intel nadrukkelijk onderdeel werd van het Amerikaanse streven naar meer binnenlandse chipproductie. Wat nog ontbreekt: een lange lijst van grote klanten.

Iedere aanwijzing over nieuwe klanten krijgt daardoor veel aandacht. Analisten van Bank of America verwijzen onder meer naar mogelijke opdrachten van Apple en MediaTek, maar ook naar Terafab, het ambitieuze chipproject van Elon Musk. De megafabriek, opgezet door SpaceX en Tesla, moet uitgroeien tot een van de grootste productiecentra voor AI-chips ter wereld. Intel wordt genoemd als een mogelijke technologie- en productiepartner.  

Voor Intel zou dat niet alleen extra omzet kunnen opleveren, maar ook bijdragen aan het vertrouwen dat grote klanten weer bereid zijn hun meest geavanceerde ontwerpen aan het bedrijf toe te vertrouwen. Nu kiezen grote klanten voor hun meest geavanceerde chips vaak nog voor TSMC in Taiwan.

Verwachtingen omzetten in resultaat niet vanzelfsprekend
Voor Intel is het vinden van klanten niet voldoende. Het bedrijf moet ook bewijzen dat het chips op tijd, tegen concurrerende kosten en met voldoende opbrengst kan produceren. Op die punten heeft TSMC jarenlang een voorsprong opgebouwd.

Het koersdoel van 135 dollar is gebaseerd op een winst per aandeel van ruim 6 dollar in 2030, een niveau dat bijna het dubbele ligt van wat veel analisten kortgeleden nog haalbaar achtten. De zakenbank kent daarop een waardering toe van 25 keer de verwachte winst en rekent die vervolgens terug naar vandaag. Daarmee kijkt de beurs inmiddels ver vooruit. De komende jaren moeten uitwijzen hoeveel van die verwachtingen ook daadwerkelijk zichtbaar wordt in omzetgroei, hogere marges en winstgevendheid.

De geschiedenis van Intel laat zien dat geen van die ontwikkelingen vanzelfsprekend is. Concurrenten als Nvidia, AMD, TSMC en Arm beschikken over sterke marktposities en hebben de afgelopen jaren geprofiteerd van de problemen bij Intel.

De beurs gaat er inmiddels vanuit dat Intel zowel zijn serveractiviteiten als zijn foundrystrategie nieuw leven inblaast. Dat is een forse aanname. De waardering weerspiegelt al een groot deel van dat optimisme. Wat nog ontbreekt, is het bewijs in de cijfers.

Meer over de waardering van Intel en wat de wederopstanding betekent voor de Nederlandse chippers leest u in de volgende editie van maandblad Effect, die begin juli verschijnt.