VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Een duurzame beleggingsdoelstelling zegt nog weinig over wat een etf precies in portefeuille heeft. Dat blijkt uit drie fondsen die beleggen in schoon water, waterstof en milieuoplossingen. Hoe worden bedrijven geselecteerd, en wat betekent dit voor spreiding, risico en rendement?

In het vorige artikel bekeken we hoe beleggers duurzame fondsen kunnen herkennen en zagen we dat etf’s met duurzaamheidskenmerken op allerlei manieren kunnen zijn opgebouwd.

Nu bekijken we drie fondsen die een stap verder gaan: artikel 9-etf’s met een duurzame beleggingsdoelstelling. Bij deze fondsen moeten de beleggingen in beginsel voldoen aan de definitie van een duurzame belegging: ze dragen bij aan een milieu- of sociaal doel, doen geen ernstige afbreuk aan andere duurzaamheidsdoelen en voldoen aan eisen voor goed ondernemingsbestuur (SFDR artikel 2, punt 17).

Geen keurmerk, wel verplichte transparantie
Een belangrijk aspect verdient nogmaals aandacht. Artikel 8 en artikel 9 zijn geen keurmerken en geven geen oordeel over hoe duurzaam een fonds is. Fondshuizen bepalen zelf onder welk SFDR-artikel ze hun producten indelen. 

Die indeling moet wel aansluiten bij het beleggingsbeleid en de wettelijke vereisten. Beheerders moeten informatie verstrekken over hun duurzaamheidsbeleid en zich periodiek verantwoorden over de uitvoering ervan.

Wat komen beleggers tegen?
Artikel 8 omvat een breed scala aan strategieën. Het begrip ‘promoten van ecologische of sociale kenmerken’ is breed uit te leggen.

Relatief weinig etf’s zitten in de artikel 9-categorie. Hier vinden beleggers veel fondsen met focus op een milieuthema. De portefeuilles kunnen beperkt gespreid zijn en sterk afwijken van een brede marktindex. We bekijken drie fondsen die beleggen in bedrijven die zich bezighouden met (1) schoon water, (2) waterstof en (3) milieuoplossingen. 

De drie etf’s verschillen sterk in het aantal aandelen dat ze selecteren, de regels voor toelating en de manier waarop ze de portefeuille samenstellen. Hieronder een overzicht van belangrijke kenmerken en bedrijven in de portefeuille, daarna bekijken we de resultaten.

  L&G Clean Water UCITS ETF VanEck Hydrogen Economy UCITS ETF Rize Environmental Impact 100 UCITS ETF
ISIN IE00BK5BC891 IE00BMDH1538 IE00BLRPRR04
Thema Schoon water Waterstof Milieuoplossingen
Fondsomvang € 590 miljoen € 86 miljoen € 103 miljoen
Kosten 0,56% 0,59% 0,67%
Aantal aandelen 61 20 100
Gewicht top 10 20,30% 81,40% 13,40%
Duurzame doelstelling beleggen in bedrijven die actief zijn in de schoonwaterindustrie, met de verwachting dat hun activiteiten bijdragen aan drie milieudoelen (link). het promoten van duurzame vormen van energieopwekking, de vermindering van koolstofemissies en uiteindelijk het bijdragen aan het tegengaan van klimaatverandering (link). beleggen in de honderd ondernemingen met de grootste impact die vernieuwende en effectieve oplossingen ontwikkelen en toepassen voor de dringendste mondiale klimaat- en milieu-uitdagingen (link).

Bron: uitgevende instellingen. De drie etf’s zijn herbeleggend en doen aan volledige fysieke replicatie, wat betekent dat ze alle aandelen uit de index kopen. Kosten zijn de totale jaarlijkse kosten uit het essentiële-informatiedocument.

Meer informatie over de samenstelling van de indices die de etf’s volgen en enkele grote posities in de portefeuilles is te vinden in het kader onderaan.

Wat valt op?
De verschillen in spreiding zijn groot. Bij de waterstof-etf van VanEck vertegenwoordigen tien aandelen ruim 80 procent van de portefeuille. Bij de Rize-etf is dat slechts 13 procent. Die laatste spreidt het vermogen dus veel gelijkmatiger over individuele bedrijven. Toch zijn alle drie de etf’s sterk afhankelijk van een beperkt aantal bedrijfstakken.

Op basis van de traditionele sectorverdeling (11 hoofdsectoren volgens GICS-standaarden) is met name industrie zwaar vertegenwoordigd en bij de VanEck Hydrogen Economy-etf ook materialen. Zoomen we in, dan zien we duidelijker in welke bedrijfstakken de blootstelling zit.

De blootstelling van de etf's aan specifieke bedrijfstakken

L&G Clean Water VanEck Hydrogen Economy RIZE Environmental Impact 100 
Machinery 41,5% Chemicals 49,9% Machinery 14,3%
Gas & Water Utilities 17,5% Renewable Energy 39,6% Electrical Equipment 13,3%
Electrical Equipment 9,1% Electrical Equipment 9,7% Engineering & Construction 12,4%
Chemicals 6,8% Automotive 0,8% Electric Utilities 9,6%
Construction Materials 5,7%   Gas & Water Utilities 6,2%

Bron: Bloomberg. Vijf grootste bedrijfstakken per etf. De VanEck heeft blootstelling aan slechts vier bedrijfstakken.

Opvallend is de grote rol van traditionele industriebedrijven. Bij de schoonwater-etf bestaat ruim 40 procent van de portefeuille uit machinebouwers. Bij de waterstof-etf zit bijna 90 procent in chemie en hernieuwbare energie. De Rize-etf is breder gespreid over verschillende bedrijfstakken.

De verdeling laat ook zien dat een duurzame doelstelling weinig zegt over het soort bedrijven waarin wordt belegd. In de etf van VanEck was in 2025 bijna 17 procent van de portefeuille belegd in bedrijven met betrokkenheid bij de fossiele industrie. Dit is terug te vinden in de eigen periodieke rapportage. Het is dus belangrijk om verder te kijken dan de duurzame doelstelling van een fonds.

De etf’s zijn duidelijk duurder dan doorsnee wereld-etf’s die een brede marktindex volgen. De drie themafondsen zijn relatief klein en hebben gespecialiseerde selectiecriteria.

De prestaties
Hoewel er in het marketingmateriaal vaak veel aandacht is voor het potentieel van een duurzaam thema, blijken de resultaten voor beleggers niet altijd te volgen. Een aantrekkelijk groeiverhaal levert niet vanzelfsprekend een hoog rendement op. Daarvoor zijn ook de winstgevendheid van de bedrijven en hun waardering op de beurs bepalend. De concentratie in bepaalde sectoren verhoogt bovendien het risico op flinke schommelingen.

De resultaten van de drie etf’s lopen sterk uiteen, maar de gemene deler is dat ze een stuk minder presteren dan een wereldwijde aandelen-etf die duurzaamheidskenmerken meeweegt, de Xtrackers MSCI AC World Screened UCITS ETF. 


Bron: Bloomberg. Prestaties vanaf introductiedatum RIZE-etf, 23 juli 2021 tot en met 22 oktober 2026.

De brede wereld-etf belegt in bedrijven uit veel verschillende sectoren en landen en is een maatstaf voor de brede aandelenmarkt.

De duurzame etf’s hebben een beperktere focus. Hun prestaties zijn daardoor sterk afhankelijk van ontwikkelingen binnen hun specifieke beleggingsthema. Sinds juli 2021 blijven ze achter, maar er zijn ook perioden waarin de themafondsen beter presteren. Zo kende de waterstof-etf in het voorjaar van 2026 een sterke opleving.

Conclusie: welke functie kunnen duurzame etf’s hebben in de portefeuille?
Een eenduidig systeem dat de bijdrage van fondsen aan mens en milieu meet, is er niet. De Europese SFDR-regels bieden beleggers wel een vertrekpunt.

Artikel 8-fondsen zijn er in vele varianten en stellen beleggers in staat om breed gespreid te beleggen en daarbij ook milieu- en sociale kenmerken mee te wegen.

Bij een artikel 9-etf kan de duurzaamheidsdoelstelling een belangrijke overweging zijn voor beleggers. De drie voorbeelden laten zien hoe groot de verschillen binnen deze categorie kunnen zijn. 

Vooral etf’s die zich op een smal thema richten, kunnen sterk afhankelijk zijn van de ontwikkeling van enkele bedrijfstakken. Voor beleggers zijn zulke etf’s het overwegen waard als gerichte aanvulling op een breed gespreide portefeuille.

Op welke manier zijn de etf’s samengesteld en welke bedrijven zitten erin?

L&G Clean Water

Solactive Clean Water Index: Als eerste worden bedrijven met bepaalde niet-duurzame activiteiten uitgesloten. Ook gelden er minimumgrenzen voor beurswaarde en liquiditeit. Vervolgens gelden voor verschillende soorten bedrijven criteria voor het deel van de omzet dat water-gerelateerd is. Nutsbedrijven moeten minimaal 90 procent uit water halen, bedrijven actief in Water Engineering 50 procent. Bedrijven die expertise hebben in ‘Water Technology’ of ‘Digital Water’ komen al in aanmerking als ze ten minste 10 procent van de omzet halen uit wateractiviteiten.

De in aanmerking komende aandelen worden gelijkgewogen bij iedere herweging.

Drie grote posities:
Sabesp – drinkwater- en rioleringsbedrijf in de Braziliaanse deelstaat São Paulo

Mettler-Toledo – wereldmarktleider in precisieweging en industriële inspectiesystemen. Wateranalyse is een van de toepassingen

Landis+Gyr – produceert slimme meters en modules om verbruik en lekkages in de gaten te houden

-

VanEck Hydrogen Economy

MVIS Global Hydrogen Economy ESG Index: een index die bedrijven selecteert met minimaal 50 procent omzet uit waterstofgerelateerde activiteiten of industriële gassen, mits waterstof tot hun productenpakket behoort. Voor bestaande componenten geldt een lagere grens van 25 procent, zodat aandelen minder snel uit de index verdwijnen. Bovendien kunnen bedrijven met toekomstige waterstofprojecten in aanmerking komen.

De index streeft naar een minimum van twintig bedrijven. Daarnaast gelden er ESG-uitsluitingen. De aandelen worden gewogen op basis van vrij verhandelbare beurswaarde. Het gewicht van afzonderlijke bedrijven is begrensd op 10 procent voor waterstofondernemingen en 8 procent voor industriële gasproducenten.

Drie grote posities:

Linde – grote producent van industriële gassen, waaronder waterstof. Een aanzienlijk deel van de waterstofproductie komt nog wel uit aardgas, wat veel CO₂-uitstoot oplevert

Bloom Energy – produceert brandstofcellen waarmee lokaal elektriciteit kan worden opgewekt. Ontwikkelt daarnaast elektrolysetoestellen voor waterstofproductie

Air Products and Chemicals – concern dat industriële gassen produceert en levert aan onder meer raffinaderijen en chemiebedrijven. Waterstof is een belangrijk onderdeel

-

RIZE Environmental Impact 100

Solactive RIZE ETF Environmental Impact 100 Index: begint met wereldwijd beursgenoteerde ondernemingen die actief zijn in tien subsectoren, die aansluiten bij zes milieudoelstellingen. Een bedrijf moet minimaal 50 procent van zijn omzet halen uit deze activiteiten. Daarnaast is er een uitsluitingslijst.

Van de overgebleven bedrijven wordt een Environmental Impact Score vastgesteld. Die kijkt naar de potentiële bijdrage van de subsector bij het oplossen van milieuproblemen en aan de transitie naar een duurzamere economie, de schaalbaarheid en de positie van het bedrijf. De indeling van activiteiten, geschatte omzet daaruit en impactscores zijn afhankelijk van de gegevens en het oordeel van de dataleverancier.

De honderd hoogst beoordeelde ondernemingen vormen de index. De weging is ook gebaseerd op de impactscore.

Drie grote posities:

Samsung SDI – producent van batterijen voor elektrische auto's, energieopslagsystemen en andere toepassingen

Valmet – technologiebedrijf dat machines, automatisering en diensten levert aan onder meer de papier- en energie-industrie. Ontwikkelt ook technologie die bedrijven helpt energie, water en grondstoffen efficiënter te gebruiken

Tetra Tech – ingenieursbureau dat gespecialiseerd is in waterbeheer, waterkwaliteit, bodemsanering, klimaatadaptatie en duurzame infrastructuur