VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

14 april 2011

Toch geen onderzoek naar wanbeleid ASMI

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

Er valt het nodige aan te merken op behandeling van beleggers door beursfonds ASMI. Maar een onderzoek naar wanbeleid komt er niet.

Dat heeft de Ondernemingskamer bepaald.

Er zijn weliswaar gegronde redenen om te twijfelen aan het beleid bij ASMI maar die zaken hebben onvoldoende gewicht om een dergelijk belastend onderzoek te rechtvaardigen.

Tekortkomingen
De OK stelt vast dat het nodige schortte aan de informatieverschaffing aan de algemene vergadering van aandeelhouders en aan de gang van zaken bij de opvolging van Del Prado sr. als ceo. Het was .

Volgens de OK rechtvaardigen deze twee punten echter niet het bevelen van een onderzoek naar wanbeleid bij ASMI.

Voorgeschiedenis
ASMI was in 2008 verwikkeld in een discussie met de activistische aandeelhouders Hermes en Fursa. De twee hedgefunds stoorden zich aan het feit dat ASMI op de beurs minder waard was dan de beursgenoteerde dochter ASM Pacific.

Zij stelden een splitsing van de onderneming voor. Ook waren zij ontevreden over het feit dat oprichter en grootaandeelhouder Arhur del Prado zijn zoon Chuck naar voren schoof als nieuwe topman. ASMI weigerde tegemoet te komen aan de eisen van Hermes en Fursa.

Daarom wilden de hedgefunds hun plannen voorleggen aan de aandeelhoudersvergadering van ASMI. Daar stak de Stichting Continuïteit, al dan niet in samenwerking met ASMI, een stokje voor door een beschermingsconstructie in werking te stellen.

Dit was de aanleiding voor de activistische aandeelhouders naar de OK te stappen. De VEB was namens beleggers als belanghebbende bij deze procedure betrokken.

De OK gelastte op 5 augustus 2009 bij ASMI en naar de gebruikte beschermingsconstructie. Het onderzoek zou met name betrekking hebben op de verlening van de optie aan de Stichting Continuïteit en op de algemene gang van zaken bij ASMI.

De OK verweet daarbij de raad van commissarissen niet transparant en niet kritisch genoeg te zijn geweest. Van het bestuur van de Stichting Continuïteit werd de onafhankelijkheid in twijfel getrokken.

De Hoge Raad vernietigde medio 2010 de beslissing van de OK om een onderzoek te gelasten naar wanbeleid van ASMI. De Hoge Raad verwees de zaak terug naar de OK, die nu haar (voorlopige) eindoordeel heeft uitgesproken.

Teleurstellende afloop
Voor beleggers is deze gang van zaken onbevredigend. Bij ASMI was en is deels nog steeds sprake van slechte corporate governance met verouderde benoemings- en ontslagprocedures.

Verder werden de aandeelhoudersrechten op allerlei manier beknot. Tot slot zaten er de nodige haken en ogen aan de beschermingsconstructie die in 1996-1997 werd opgetuigd en met medewerking van bestuur en commissarissen van ASMI in 2008 werd ingezet om de plannen van Hermes en Fursa te dwarsbomen.

De VEB bestudeert de mogelijkheden tot cassatie.

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}