VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

25 juli 2013

Doelstellingen Randstad in gevaar bij aanhoudend slabakkende economie

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

Nog maar net van de tekentafel of topman Ben Noteboom waarschuwt al dat Randstad een ‘beperkte economische groei’ nodig heeft om de nieuwe doelstellingen te halen. Die is er helaas alleen nog niet.

Tenminste niet over de hele linie. Een opkrabbelende economie is tot nu toe hooguit in het voor ’s werelds tweede uitzendconcern, achter het Zwitserse Adecco, belangrijke Verenigde Staten (25 procent omzet) te ontwaren.

En dus moeten Noteboom en zijn financieel directeur Robert Jan van de Kraats een kleine slag om de arm houden voor het kunnen halen van de vorig jaar nog herziene strategische doelstellingen.

Die verkapte waarschuwing staat in het persbericht van Randstad over de gang van zaken in het tweede kwartaal.

Afnemende krimp
Hebben we de bodem van de economische malheur inmiddels bereikt, of zullen de werkeloosheid en consumentenbestedingen nieuwe diepterecords aantikken?

Randstad-baas Noteboom waagt zich zoals gebruikelijk niet aan voorspellingen. Daar houdt hij zich niet mee bezig vertelde hij persbureau Bloomberg.

Terugkijken in de achteruitkijkspiegel doet Noteboom daarentegen met een opvallend optimistische toonzetting.

Want alhoewel de organische groei per werkdag, eigenlijk de belangrijkste graadmeter voor uitzenders, voor het vijfde opeenvolgende kwartaal kromp, presenteert Randstad die afnemende krimp als voornaam lichtpunt.

De omzetval per werkdag kwam uit op 3,7 procent, even groot als een kwartaal eerder. De laatste maanden van 2012 werd het dieptepunt bereikt, met een daling van vijf procent.

Omlaag
Geen bedrijfstak zo gevoelig voor de conjunctuur als het uitzendwezen. Voor de Randstad-top is daarom het reageren op de economie net zoiets als de omgang met de elementen.

En als de vraag naar tijdelijk personeel laag is en de tarieven onder druk staan, gaat dat reageren traditiegetrouw eigenlijk alleen door de kosten omlaag te brengen.

Want de omzet blijft achteruit hollen. Ruim vijf procent moest Randstad prijsgeven in het tweede kwartaal, tot vier miljard euro. Alleen dankzij kostenbesparingen kon het ebita-resultaat met acht procent stijgen tot 146 miljoen euro.

De brutomarge, het verschil tussen wat Randstad haar klanten in rekening brengt en de loonkosten van weggezet personeel, ging dankzij subsidies in Frankrijk naar 18,2 procent. Zonder die hulp van buitenaf was de brutowinst constant gebleven op 18 procent.

De winst per aandeel kwam uit op 34 eurocent. Beleggers reageerden opgetogen en zetten het aandeel in de ochtendhandel aanvankelijk drie procent hoger op 37,43 euro.

"Niet slecht"
Financieel directeur Robert Jan van de Kraats zei in een toelichting dat “het geen slecht kwartaal was”.

Frankrijk en Nederland blijven wel kwakkelen. “Er zijn weer wat regio's op positief terrein gekomen, met name voor Spanje is dat best bijzonder. Daarnaast blijven Japan en Latijns-Amerika groeien. Frankrijk blijft echter negatief en ook in Nederland zien we nog geen herstel”, aldus Van de Kraats.

Piketpaaltjes
Vier jaren recessie betekenden dat Randstad haar piketpaaltjes verschoof.

Uit de verkapte waarschuwing in het tweede kwartaalbericht klinkt door Noteboom en zijn financieel directeur Van de Kraats inmiddels een nieuwe slag om de arm moeten maken.

Voor de winstgevendheid (op ebita-niveau) had Noteboom voorheen de lat altijd op vijf à zes procent gelegd, gemiddeld over de economische cyclus, met een absolute ondergrens van vier procent.

Maar in de afgelopen vijf jaar bleek dat onhaalbaar. Zo stokte 2012 op 3,3 procent, 563 miljoen euro bij een omzet van 17 miljard euro. De jaren daarvoor kon de vier procentgrens ook al niet worden geslecht.

Die vijf à zes procent staat nog altijd, maar Randstad wil zich niet langer vastpinnen op een afrekenmoment. In plaats van ‘gemiddeld over de cyclus’ moet de ebita-marge nu ‘op termijn’ rond de vijf procent komen te liggen.

Dat moet gaan gebeuren door minder op marktaandeel, en dus omzet, en meer op winstgevende omzet te mikken.

Zo zijn klanten zonder rendement of met slecht betaalgedrag nu de deur gewezen. In 2012 leidde dit al tot een stijging van de vrije kasstroom met 100 miljoen euro tot 466 miljoen euro.

Zwieper
Noteboom zei bij de cijferpresentatie wel dat de productmix verder moet verbeteren.

Oftewel, het lucratieve permanent plaatsen van personeel (waarvoor Randstad een aardige vergoeding kan toucheren) moet een zwieper krijgen ten opzichte van het traditionele, laag renderende uitzenden.

Maar die schwung zat er in het tweede kwartaal van 2013 nog altijd niet echt in. De opbrengsten uit het permanent plaatsen van hoger opgeleid personeel als consultants en interimmanagers voor de it-sector, banken of ziekenhuizen, daalden met 1,6 procent, tegen een neergang van bijna vijf procent in de eerste driemaandsperiode van dit jaar.

Nu maar hopen dat economisch herstel inderdaad intreedt. De beurskoers lijkt in ieder geval al een voorschoot op betere tijden te hebben genomen.

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}