VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Philips en negatieve verrassingen, het is voor beleggers bijna geen nieuws meer. Zoals bekend heeft de VEB eind 2025 besloten de Ondernemingskamer te vragen onderzoek te doen naar de feiten en omstandigheden die binnen Philips hebben geleid tot vermeende tekortkomingen in de interne beheersing, kwaliteitscontrole en in- en externe communicatie. Terwijl we druk bezig waren met ons verzoekschrift aan de OK, werden we op 28 oktober opnieuw verrast door negatief nieuws.

Volgens de Amerikaanse toezichthouder op de gezondheidszorg, de FDA, voldoen Philips-fabrieken voor echoapparatuur (in de VS) en software voor het monitoren van hart- en vaatziektes (in Nederland) niet aan de aan deze fabrieken gestelde kwaliteitseisen voor verantwoorde productie van medische apparatuur. Met name stuitte de FDA op gebreken bij controleprocedures en klachtenafhandeling. Philips werd gemakzucht verweten en kreeg opnieuw een waarschuwing. Volgens de FDA zouden de bevindingen symptomatisch kunnen zijn voor serieuze problemen in Philips’ productie en kwaliteitsmanagement.

Ondermaats
De laatste saga in dit hoofdstuk bevestigt dat binnen Philips een patroon van meer structurele en culturele tekortkomingen is waar te nemen. Dit patroon staat in schril contrast met Philips’ communicatie van de laatste jaren. Vertrouwen win je niet terug met mooie woorden en intenties zonder opvolging in feitelijke prestaties. Na verrassingen stelt Philips telkens dat de kwaliteitsbewaking inmiddels de hoogste prioriteit zou hebben gekregen. De onafhankelijke medische toezichthouder FDA laat weten dat dit knap lege woorden zijn. De achterstand op de sectornormen lijkt dermate groot dat prioritering weinigzeggend is geworden. In ieder geval is het vertrouwen van beleggers niet teruggevonden. Dit zie je terug in de waardering op de beurs, te weten een flink lagere.

De bestuurlijke doortastendheid en zelfreflectie zijn nu al jaren ondermaats, met lagere verkopen voor Philips als gevolg. De onderneming heeft met zijn apneu-apparaten immers niet langer de vrije toegang tot de belangrijke Amerikaanse markt. Op andere markten dreigen lagere marges omdat Philips marktaandeel moet zien terug te winnen en hogere kosten omdat producten in de revisie moeten. Allemaal schuttingtaal in het vocabulaire van beleggers. 

Antwoord op vragen
We hopen en verwachten dat de Ondernemingskamer zeer binnenkort het onderzoek bij Philips zal toewijzen, zodat aan dringend noodzakelijke waarheidsvinding kan worden begonnen. Onderzoek naar feiten en omstandigheden die hebben geleid tot mogelijk misleidende en niet-tijdige mededelingen. Dat moet antwoord geven op de vraag waarom het zo lang heeft moeten duren voordat signalen over ondeugdelijk functioneren van apparaten tot bestuurlijk ingrijpen hebben geleid. En of eerdere jaarverslagen, persberichten en andere publieke uitingen de toets der kritiek kunnen doorstaan. Daarnaast de vraag of de interne controle bij Philips op orde was en of er (tijdig en doortastend) verbeteringsmaatregelen zijn doorgevoerd. Tot op de dag van vandaag blijkt dat laatste niet uit onafhankelijk onderzoek.

Het stelselmatig bagatelliseren van problemen en bevindingen van toezichthouders duidt vaak op meer serieuze structurele en culturele tekortkomingen binnen een organisatie. Daarom hecht de VEB, namens alle beleggers in Philips, aan waarheidsvinding. De bescherming van beleggers staat in steen gebeiteld in onze statutaire doelen. Zonder inzicht in die waarheid blijven beleggers onbeschermd tegen opportunisme en vallen ‘nieuwe’ verrassingen geheel niet uit te sluiten. Dat moet een organisatie van koninklijk statuur zich niet nog langer laten welgevallen. 

Gerben Everts is directeur van de VEB




Gerelateerde artikelen