VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Aandeelhouders spreken zich volgende week op de AVA uit over de herbenoeming van Randstad-topman Sander van ‘t Noordende. Die komt op een moment dat de omzet al twaalf kwartalen op rij daalt en de winstgevendheid achterblijft. De balans na vier jaar Van ‘t Noordende.

“In 2025 bleef de wereldwijde vraag naar personeel voorzichtig, met minder vacatures dan in voorgaande jaren.” Zo opent Van ‘t Noordende in zijn voorwoord van het jaarverslag.

Daar zit bij Randstad normaliter een bijzin bij als: “we zien de recente vertraging als een cyclische correctie.”

De uitzendsector is traditioneel sterk cyclisch en reageert snel op veranderingen in de economie. Ook sectorgenoten Adecco en Manpower hebben te maken met lagere volumes en voorzichtigere klanten. 

Bedrijven zoeken steeds vaker zelf
Maar vergelijkbare problemen bij concurrenten betekenen niet automatisch dat het om een tijdelijke cyclus gaat. Het kan ook wijzen op een bredere verschuiving in de sector.

Zo zoeken bedrijven steeds vaker zelf personeel en kandidaten reageren direct via platforms als LinkedIn. Tegelijkertijd wordt matching steeds meer geautomatiseerd, waardoor het werk van traditionele uitzenders deels wordt vervangen.

Daarnaast neemt de druk op flexwerk toe, vooral in Europa. Aangescherpte regelgeving maakt uitzenden duurder en complexer, met beperkingen in sectoren als de zorg en strengere eisen aan arbeidsvoorwaarden.

Randstad en sectorgenoten de laatste jaren flink onder druk 

Bron: Bloomberg. Total Shareholder Return inclusief herbelegd dividend.

De eeuwige belofte van hogere marges
Randstad hanteert al sinds 2002 een langetermijndoelstelling van een EBITA-marge van 5 tot 6 procent (de door Randstad gehanteerde maatstaf voor operationele winst). Die doelstelling is in de tussentijd nooit aangepast.

Op de aandeelhoudersvergadering van afgelopen jaar stelde de VEB die ambitie opnieuw ter discussie. Van ‘t Noordende hield daarbij vast aan de haalbaarheid: “De EBITA-marge van 5 tot 6 procent staat nog steeds als doel en is haalbaar.”

In de praktijk blijft die ambitie buiten bereik. Sinds 2002 werd de 5 procent slechts twee keer gehaald, net voor de financiële crisis. In de jaren daarna bleef de marge structureel steken rond 3 tot 4 procent, met duidelijke uitschieters naar beneden in zwakkere markten. Ook in 2025 bleef de onderliggende EBITA-marge hangen rond 3 procent.

De strategie moet daar verandering in brengen. Van ‘t Noordende probeert Randstad al jaren minder afhankelijk maken van traditioneel uitzenden en meer te verdienen aan specialistisch werk en digitale dienstverlening.

De focus ligt daarbij vooral op Professional, waar Randstad hoogopgeleide profielen zoals IT‑specialisten en finance‑professionals plaatst, én op Digital. Digital omvat alle online platforms van Randstad. Via het Randstad Talent Platform worden de matching en selectie van kandidaten — steeds meer met behulp van AI — verder geautomatiseerd en opgeschaald. Dit moet uiteindelijk leiden tot lagere kosten per plaatsing en hogere marges.

Diezelfde ontwikkeling verandert ook het verdienmodel. Waar matching eenvoudiger en transparanter wordt, verschuift de rol van de uitzender en komt de traditionele bemiddelingsfee onder druk te staan.

Verschuiving nog niet zichtbaar
Vooralsnog leidt de strategie nog niet tot tastbare resultaten: de marges blijven binnen dezelfde bandbreedte bewegen als de afgelopen jaren. 

Bovendien komt zo’n 65 procent van de omzet nog steeds uit Operational; denk daarbij aan het plaatsen van bagageafhandelaars bij Schiphol. Juist in dit segment zijn volumes en tarieven het meest kwetsbaar voor marktschommelingen én voor de verschuiving richting digitale matching.

Daarmee blijft de winstgevendheid in belangrijke mate afhankelijk van het oridinaire bulkwerk, terwijl de beoogde verschuiving naar hoogwaardigere activiteiten nog niet zichtbaar is in de omzetmix.

EBITA-marge sinds de kredietcrisis nooit meer de 5 procent bereikt

Bron: jaarverslagen Randstad

Productiviteit: waar het moet gebeuren
De strategie van Randstad draait in de kern om één ding: hogere productiviteit. Meer werkenden bedienen met minder eigen medewerkers.

De trend wijst juist de andere kant op. De omzet daalt en het aantal werkenden via Randstad loopt terug. Het aantal interne medewerkers neemt weliswaar ook af, maar minder snel. Daardoor daalt het aantal werkenden per medewerker. Precies de kernmaatstaf waarop de strategie haar waarde moet bewijzen. 

Digitalisering en schaalbaarheid zouden hier het verschil moeten maken, maar de beoogde productiviteitswinst blijft uit.

De herbenoeming van Van ’t Noordende komt dan ook op een moment waarop het fundamentele probleem onverminderd blijft bestaan: de winstgevendheid verbetert maar niet, en dat is al jaren zo. 

Randstad staat daarin niet alleen, ook sectorgenoten worstelen, maar dat maakt de uitkomst niet minder teleurstellend. De resultaten blijven achter bij de eigen ambities. Aandeelhouders moeten zich daar nu over uitspreken.

Productiviteit per medewerker loopt terug

Bron: jaarverslagen Randstad. Productiviteit gemeten als verhouding Randstad-staf en het aantal werkenden via Randstad werkt.




Gerelateerde artikelen