Net als in eerdere jaren gingen veel vragen van beleggers over groei en de financiering ervan in de aandeelhoudersvergadering van Basic-Fit. Met de overname van Clever Fit is de eerste grote stap gezet met franchising.
Het verdienmodel van fitnessketen Basic-Fit heeft zich bewezen. Een nieuwe vestiging verdient zich in drie tot vier jaar terug en een volwassen club genereert minimaal dertig procent op het geïnvesteerde kapitaal. Schaalvoordelen zorgen niet alleen voor gunstige inkoop van fitnessapparatuur, maar vaste overheadkosten worden over meer clubs verdeeld. Concurrenten in het (goedkope) segment waarin Basic-Fit opereert wordt de lucht ontnomen zodra Basic-Fit meerdere vestigingen in een buurt opent.
Sinds de beursintroductie gaat Basic-Fit voor groei. Begrijpelijk, want vergeleken met de 31 procent fitness penetratie in de Verenigde Staten, kan fitness nog gemakkelijk verdubbelen in Europa. Basic-Fit opereert uitsluitend in een beperkt aantal Europese landen, waar ze eind 2025 1660 clubs in bezit had, waarvan 1216 als volwassen werden betiteld. De overige nieuwere clubs zullen de komende jaren gaan renderen, wanneer ze elk meer leden weten te binden.
Franchise biedt oplossing
Maar toch is groeien op de oude voet, door het openen van eigen clubs, inmiddels lastiger geworden. De uitweg uit dit groei-/financieringsdilemma kan franchising bieden, waardoor met weinig kapitaal toch een extra groeispurt denkbaar wordt.
In 2025 is daarmee, twee jaar na de aankondiging van deze strategie, een stap gezet door de overname van franchiseketen Clever Fit. Van de 491 Clever Fit-clubs vallen er 435 echt in de franchiseformule, de rest is in bezit.
Het is denkbaar dat Basic-Fit sommige Clever Fit-franchisees gaat uitkopen, waardoor het aantal eigen clubs verder toeneemt. Moos meldde ogenschijnlijk achteloos dat het geen probleem zou zijn indien de resterende franchisees verder gingen onder de Clever Fit-formule in plaats van Basic-Fit. Financieel zal hij ongetwijfeld gelijk hebben, maar als iemand echt gelooft in Basic-Fit als franchise, zal hij liever zijn eigen merk zoveel mogelijk lading willen geven om verdere expansie via toekomstige franchisees te vergemakkelijken.
De suggestie dat hij het al vervelend vindt om slechts minderheidsaandeelhouder te zijn van Basic-Fit en dan ook nog met eigenwijze franchisees om te moeten gaan in plaats van de volledige controle via eigen clubs te hebben, wierp hij verre van zich. Begonnen als volledige eigenaar van een enkele club bezit hij nu vijftien procent van de grootste Europese fitnessketen. Verwatering van zeggenschap en eigendom is niet leuk, maar onvermijdelijk en toch zeer aantrekkelijk, zo hield hij de VEB voor.
De overname van de Clever Fit-keten was een buitenkans, aldus Moos. Niet alleen komen daarmee meer dan vijftig eigen clubs erbij in het lastige Duitsland (waar het lang duurt voordat vergunningen voor een nieuwe club worden verleend), maar het netto bedrag dat is betaald voor de franchise is slechts zo’n honderd miljoen. Bovenal leert Basic-Fit zo de fouten te vermijden die Clever Fit in de beginfase heeft gemaakt met de franchiseformule.
Groei vereist financiering
De volwassen clubs genereren weliswaar flinke kasstromen, maar die zijn slechts voldoende om een beheerste groei te financieren. Voor de grote groeiambities heeft Basic-Fit hulp nodig en die is niet gratis. Qua leningen leunt Basic-Fit al tegen de limiet aan bij (Nederlandse) banken en obligaties komen met hoge rentes; bovendien drukken hogere schulden de kredietwaardigheid omlaag, zodat lenen nog duurder wordt. Een aandelenemissie is een andere mogelijkheid, maar weinig aandeelhouders zijn happig op verwatering, zeker gezien de relatief lage beurskoers. Overigens heeft Basic-Fit als tussenvorm een converteerbare obligatie als financiering.
Tijdens de aandeelhoudersvergadering probeerde de VEB topman, oprichter en grootaandeelhouder René Moos uit de tent te lokken door hem te herinneren aan de tijden dat hij als echte ondernemer voor maximale groei ging. Toch is het begrijpelijk dat hij voorzichtiger is geworden. De Corona-periode heeft diepe sporen achtergelaten, waar Basic-Fit op eigen kracht het hoofd boven water moest houden, ondanks het (tijdelijk) verlies van de helft van het ledenbestand. Niet alleen liep de schuldpositie in het rood, maar de groei van de keten werd zo’n vier jaar vertraagd.