De onrust in Frankrijk heeft de ledenaanwas bij Basic-Fit volgens het bestuur nog niet geraakt. De keten verdient meer aan zijn bestaande sportscholen en is terughoudender met het openen van nieuwe budgetclubs. Franchisenemers moeten een deel van de verdere uitbreiding betalen.
“We weten niet hoe het de komende weken en maanden zal gaan. Maar tot nu toe heeft het ons niet geraakt.”
René Moos houdt woensdag een slag om de arm wanneer analisten vragen naar de onrust in Frankrijk. Bij één sportschool raakte volgens de topman een raam beschadigd. De overige 900 Franse clubs werden naar zijn zeggen niet getroffen. Frankrijk leverde samen met Spanje opnieuw een sterke bijdrage aan de ledenontwikkeling.
Voor Basic-Fit is dat van groot belang. Frankrijk is naar schatting goed voor 40 tot 45 procent van de omzet. Als huishoudens daar minder te besteden hebben, kan dat nieuwe inschrijvingen afremmen en bestaande leden tot opzeggen aanzetten.
Voorlopig blijven klanten komen. De kwartaalomzet van de groep steeg met 17 procent. Het lowcost-concept kan een voordeel zijn wanneer consumenten bezuinigen: wie wil blijven sporten, kan van een duurdere sportschool overstappen naar een budgetketen als Basic-Fit.
Goedkopere nachten
Frankrijk biedt ook ruimte om kosten te verlagen. Basic-Fit investeerde de afgelopen jaren in langere openingstijden en clubs die dag en nacht toegankelijk zijn. Dat maakt het abonnement aantrekkelijker voor mensen die vroeg beginnen, laat klaar zijn of onregelmatig werken.
Daar stonden extra personeelskosten tegenover. Sinds dit voorjaar mag Basic-Fit in Frankrijk zijn clubs ’s nachts zonder personeel openhouden. De omschakeling levert volgens financieel directeur Maurice de Kleer inmiddels een besparing van zo’n 10 miljoen euro op jaarbasis op.
Die besparing helpt de winstgevendheid, net als het voller worden van de clubs. De huur en veel andere kosten veranderen nauwelijks als er extra leden bijkomen. Een groter ledenbestand kan daardoor relatief sterk doorwerken in het resultaat.
Gemiddeld telt een Basic-Fit-club inmiddels ruim 3.000 leden. Het bedrijf uit Hoofddorp mikt op 3.200. De volwassen vestigingen hebben dat niveau volgens Moos inmiddels bereikt. Die cijfers betreffen het hele netwerk onder het merk Basic-Fit.
De clubs van Basic-Fit lopen voller
Bron: verslaggeving Basic-Fit. Gemiddeld aantal lidmaatschappen per eigen Basic-Fit-club, per kwartaaleinde. Stippellijn: doel voor de middellange termijn.
Minder ruimte om in te halen
Het voller worden van de sportscholen verklaart volgens Moos waarom de ledenaanwas inmiddels wel afneemt. “Volgend jaar zullen we minder groeien dan dit jaar.”
De afstand tot het beoogde ledengemiddelde wordt kleiner. Nieuwe vestigingen moeten hun klantenkring nog opbouwen en drukken dat gemiddelde. Basic-Fit heeft het bouwtempo teruggebracht naar ongeveer vijftig nieuwe clubs per jaar.
Ook het vasthouden van klanten helpt. De gemiddelde lidmaatschapsduur stijgt volgens de sportschoolketen dit jaar tot boven de twee jaar. Het aandeel leden dat langdurig niet is geweest, neemt af. Basic-Fit hoeft daardoor minder nieuwe klanten te werven om vertrekkende sporters te vervangen.
De financiële verbetering is al zichtbaar. In de eerste jaarhelft rapporteerde Basic-Fit een positieve vrije kasstroom, tegenover een uitstroom een jaar eerder. Analisten verwachten dat Basic-Fit komende jaren een groter deel van zijn omzet overhoudt als onderliggende bedrijfswinst (EBITDA) minus huur. De investeringen nemen volgens dezelfde ramingen juist af ten opzichte van de omzet. Beide ontwikkelingen moeten de kasstroom verder versterken (zie onderstaande grafiek).
Minder bouwen, meer overhouden 
Bron: verslaggeving Basic-Fit, consensusramingen Visible Alpha (19 oktober 2026). Investeringen en onderliggende EBITDA minus huur als percentage van de omzet. Vanaf boekjaar 2026 betreft het taxaties.
Hogere kosten kunnen een deel van de extra opbrengsten opslokken. Toch handhaafde Basic-Fit woensdag zijn jaarprognose, die eerder dit jaar al tweemaal was verhoogd.
Bij de vrije kasstroom hoort wel een kanttekening. Basic-Fit laat de kosten van overnames van bestaande sportscholen en de daaropvolgende ombouw buiten die maatstaf. Volgens De Kleer beschouwt de onderneming die samen als één overname-investering. Investeringen in nieuwe, zelf geopende clubs tellen wel mee. De gepresenteerde kasstroom is dus niet het bedrag dat na alle investeringen resteert.
Ondernemers bouwen mee
Minder nieuwbouw betekent niet dat Basic-Fit stopt met uitbreiden. De keten blijft clubs kopen en wil franchisenemers inschakelen. Frankrijk is een van de markten waar die aanpak vorm moet krijgen.
Basic-Fit zoekt ondernemers die een hele regio kunnen ontwikkelen. Zij kunnen bestaande clubs overnemen en afspraken maken over nieuwe vestigingen. De investeringen in die uitbreiding komen dan voor rekening van de franchisenemers.
Over de eerste Franse contracten wordt onderhandeld. Het bestuur wil nog dit jaar meerdere overeenkomsten tekenen. Dat betekent niet dat er direct franchiseclubs opengaan, verduidelijkte Moos. De bouw volgt later.
Voor beleggers worden vooral de voorwaarden interessant: hoeveel betaalt een ondernemer voor bestaande clubs, welke investeringen neemt hij over en welke inkomsten houdt Basic-Fit aan de samenwerking over? De eerste contracten moeten laten zien wat die manier van groeien oplevert.