VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

02 mei 2011

Shell aardig op dreef in eerste deel van overgangsjaar 2011

  • Pagina printen
  • 0 Reageer op dit artikel
  • Stuur dit artikel door

    Vul hieronder het emailadres in van degene naar wie u dit artikel wilt doorsturen, en uw eigen emailadres in.

Hoge olieprijzen helpen Shell door het overgangsjaar 2011. Vanaf volgend jaar komen een paar grote projecten op stoom en moet de olie- en gasdollars nog massiever binnen rollen. Dat zou wel eens ruimte kunnen laten voor een hoger dividend.

Ruim 3000 euro per seconde en dat negentig dagen lang. Dat is de duizelingwekkende winst die de vijf grootste, westerse oliemaatschappijen samen hebben verdiend in het eerste kwartaal.

Exxon, Shell, Chevron, Total en BP wisten tot eind maart 35 miljard dollar (ruim 23 miljard euro) aan pure winst te genereren. Dat is 42 procent meer dan een jaar eerder.

De voornaamste reden van die winstexplosie laat zich raden: de fors gestegen olieprijs. De groeiende vraag uit landen als Brazilië, China en India, in combinatie met de dalende dollar, de belangrijkste munt in de oliewereld, deed de prijs van een vat olie in drie maanden 38 procent stijgen.

Geen gejuich
Geen olieconcern waagt het om de winstcijfers al te opzichtig te bejubelen: automobilisten zijn al chagrijnig genoeg na een bezoek aan het tankstation. Ontevreden automobilisten blijken vaak ontevreden kiezers en dus nerveuze politici.

De hoge olieprijzen zullen op enig moment ook voor tegenwind gaan zorgen bij de energiegiganten. De geschiedenis leert dat de vraag naar olie zal dalen en dan kan de stemming weer snel omslaan. Exxon Mobile, de grootste onder de vijf oliemaatschappijen (10,65 miljard winst in het eerste kwartaal), laat weten al de eerste tekenen van teruglopende vraag te hebben geconstateerd.

Verder kijken
En dus is het belangrijk om wat verder te kijken dan de hoge kwartaalwinsten, die problemen en successen nogal kunnen versluieren.

Neem Shell. Het Brits-Nederlandse bedrijf wist dertig procent meer winst te boeken dan dezelfde periode vorig jaar en zelfs 53 procent meer dan in het teleurstellende vorige kwartaal.

Behalve de hogere olieprijs had Shell nog twee grote winstpakkers. De groep kon profiteren van de stijgende vraag naar vloeibaar gas als gevolg van de kernramp in Japan.

En ook de raffinaderijen, al lange tijd een gekend hoofdpijndossier voor de Koninklijke, een keer positief op. In de raffinaderijen kraakt Shell de ruwe olie tot lichte componenten zoals benzine en diesel.

Dat was de laatste tijd een weinig winstgevende bezigheid omdat het concern veel te veel raffinagecapaciteit had. Dankzij de extra vraag is de bewerking van olie nu één van de winstpakkers.

Desondanks zal Shell blijven proberen een deel van de raffinaderijen af te stoten zodat ook bij minder vraag de marges op peil blijven. Er moet 15 procent de deur uit, zover is het nog lang niet, maar stapjes zijn zichtbaar.

Productie
Uiteindelijk draait het ook bij Shell om kasstromen en dus om productie. De basis is dan hoeveel vaten olie het concern boven de grond weet te krijgen. De productie viel afgelopen kwartaal terug, maar die teruggang is te wijten aan de verkoop van minder rendabele onderdelen.

Die teruggang was wellicht ingecalculeerd en is deel van de strategie die topman Peter Voser en zijn team volgen: aan de ene kant massief investeren in nieuwe projecten om de toekomstige productie op te voeren, aan de andere kant snijden en afstoten om kosten te besparen en een efficiëntere organisatie neer te zetten.

Tussenjaar
Dit jaar is voor Shell een tussenjaar waarin de productiecijfers nauwelijks hoger zullen uitvallen dan vorig jaar. Dankzij de hoge olieprijs en scherpe kostenbesparingen rendeerde Shell toch fors beter tot nu dit jaar.

Volgend jaar moet het olieconcern de kaarten echt op tafel leggen. Dan beginnen een paar grote projecten op stoom te komen en moet de productie met een procent of zes omhoog kunnen, zo denkt Shell. Grote tegenslagen zijn dan niet welkom.

Dividend nog geen wereldtop
De prestaties van Shell en de problemen bij BP maken de Koninklijke nu duidelijk de grootste oliemaatschappij van Europa. Beleggers worden vooral bediend met een stabiel dividend. Maar om op het gebied van dividend door te groeien naar de wereldtop is nog het nodige te winnen.

Shell geeft 29 procent van zijn kasstroom terug aan aandeelhouders. Grote broer Exxon Mobil zit een stuk hoger met 42 procent. Zolang Shell recordinvesteringen moet doen om de oliewinning op peil te houden blijft er waarschijnlijk een gat.

Maar langzaamaan verdwijnen de herinneringen aan het olieschandaal van het begin 21ste eeuw aan de horizon.

{{scope.count}}Reacties

Geef als eerste een reactie op dit artikel |
{{comment.userName}}
{{comment.createdOn | date:'dd-MM-yyyy HH:mm'}}

{{comment.body}}