VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Kosten van beleggingsfondsen

Beleggen in fondsen biedt veel mogelijkheden, maar de kosten van een fonds bepalen voor een fors deel het rendement. We laten zien met welke kosten beleggers in beleggingsfondsen te maken kunnen krijgen.  

Soorten kosten beleggingsfondsen
Een overzicht van de belangrijkste, maar niet alle, kosten:

  • Lopende kosten ('ongoing charges'): de jaarlijkse vergoeding voor het beheer van het vermogen is de voornaamste kostenpost. Hieronder vallen onder andere het salaris van fondsmanagers en -analisten,  marketinguitgaven, kosten van accountants en juristen, en transactiekosten voor het verhandelen van effecten. Vooral bij actieve fondsen kunnen deze kosten oplopen, terwijl dat vaak anders ligt voor passieve fondsen waarbij het fonds simpelweg een index spiegelt. Kosten voor beheer beginnen bij zo'n 0,15% voor passieve fondsen en kunnen oplopen tot meer dan 2,5% voor sommige actieve fondsen. Wie kosten wil besparen, weet wat hem te doen staat.
  • In- en uitstapkosten: het komt voor dat beleggingsfondsen zich het recht voorbehouden om kosten te rekenen bij het aan- en/of  verkopen ervan. In dat geval zal de inleg direct met de hoogte van deze kosten (en eventuele andere kosten) dalen.

 

Enkel bij actieve beleggingsfondsen:

  • Prestatievergoeding ('performance fee'): sommige aanbieders willen naast de vaste beheervergoeding een extra vergoeding ontvangen als ze de markt verslaan. Let daarbij op de manier waarop de benchmark gehanteerd wordt en over welk deel hoeveel prestatievergoeding betaald wordt. De benchmark moet natuurlijk wel een goede afspiegeling zijn van de gekozen markt. Als je fonds offensief belegt (met een hoger verwacht rendement), wil je niet dat de benchmark een defensiever karakter heeft (met een lager verwacht rendement). Dat is appels met peren vergelijken.
  • Transactie: veel fondsmanagers beheren hun fonds actief en handelen daar ook naar. De kosten voor de aan- en verkopen binnen het fonds zijn voor rekening van de belegger. De 'Portfolio Turnover Ratio' (PTR) of omloopfactor biedt inzicht in het handelsgedrag van een fonds. Het geeft de waarde van alle effectentransacties, gecorrigeerd voor in- en uitstroom van gelden, in een jaar als percentage van het gewogen gemiddelde vermogen. Op deze wijze kan een indruk worden verkregen van de mate waarin er actief beheer plaatsvindt en het is een indicator van de transactiekosten. Je kunt deze informatie doorgaans terugvinden in het jaarverslag van een beleggingsfonds. Voor buitenlandse fondsen biedt Morningstar, een informatieve website over beleggingsfondsen, vaak ook inzicht in de PTR ('turnover').

 

Enkel bij ETF's (passieve fondsen):

  • Spread: beleggers hebben bij aan- en verkoop van etf’s ook nog te maken met de spread, de op- en afslag ten opzichte van de koers. De lage jaarlijkse kosten van trackers, gemiddeld circa 0,4 procent van het ingelegde geld, maken de kosten bij aankoop een belangrijke factor om rekening mee te houden. Lees meer over de kosten van de spread bij etf's

 

Informatiebronnen voor fondskosten 
De meeste soorten kosten per fonds vind je terug in de 'Essentiële Beleggersinformatie', een document dat inzicht geeft in de aard, risico's en kosten van een beleggingsfonds. Voor kosten die pas achteraf bekend zijn, zoals de PTR, raadpleeg je het jaarverslag van het fonds.

Via de VEB-Fondsselector vind je deze documenten voor een groot scala aan fondsen.